Games, meer dan spelen

Tijdens een event op 4-5 september in het Europees Parlement organsiseerde ISFE, de belangenvereniging van de gamesector, een reeks demo’s over innovaties binnen de gamesector. Ik kreeg er de kans om een zestal games uit te proberen. De rondleiding die ik er kreeg toonde in elk geval overtuigend aan dat de mogelijkheden van games voor onderwijs, erfgoed, gezondheidszorg,… onuitputtelijk zijn.

Neem nu Assassin’s Creed Origins (voor spelconsole en PC). Assassin’s Creed is een succesvolle serie adventure games die al eerder opvielen door hun realistische en superbe designs. Voor de Origin spin off hebben ze de gameplay waar je je al vechtend in de wereld moet begeven volledig verwijderd. Het design van de online omgeving (het ptolemaïsche Egypte) is hyperrealistisch en verrijkt met informatie. Je loopt als speler echt in het Egypte van toen en kan er de sfinx, pyramiden, Memphis, Alexandrië en tientallen (!) andere sites verkennen. Je kan er vrij in rond lopen of specifieke tours volgen. Je kan je een avatar aanmeten uit de Egyptische tijd. Aanschouwelijker dan dit gaat geschiedenis niet meer worden en er is geen handboek dat hier kan aan tippen.

Van een heel andere orde is “Nintendo Labo”, dat met succes een link legt tussen de maker-beweging en games. De technologie die gebruikt wordt is de Nintendo Switch. Labo is een set van kartonnen tools die je bij aanvang zelf in elkaar moet zetten: een vislijnachtige katrol, een piano, een huis, een robot, een wagen, enz Door de switch in de kartonnen tools  te zetten kan je vervolgens eenvoudige programmeeroefeningen maken, je wagen laten rijden, piano spelen, enz. je kan het geheel bovendien verrijken met eenvoudige bijgeleverde elektromagnetische sensoren.

“I, Hope” is een game voor kinderen met kanker. Hope is het karakter dat tegen het kwade (kanker) ten strijde trekt en daar op 5 werelden de wapens voor vindt zoals kennis, doorzettingsvermogen, hoop, … het game is bedoeld voor kinderen die opgenomen zijn in het ziekenhuis en is erop gericht  om hun welbevinden te verhogen. Het game werd hier getoond als voorbeeld van een zorg-game.    Er zijn veel toepassingsmogelijkheden voor serious gaming in gezondheidszorg en welzijn: als onderdeel van therapie, als motivatie om therapie of oefeningen vol te blijven houden, om specifieke kennis of vaardigheden bij te brengen, in functie van aanpak van pesten of zelfs bij pijnbestrijding en suicidepreventie…

11-11 : Memories Retold” is een game dat zich afspeelt tijdens WOI en. Opvallend zijn de geschilderde graphics;  een bewuste keuze omdat een al te realistische setting te vermijden. Het game is gericht op empathie en betrokkenheid en bevat een heleboel morele dilemma’s. Je speelt in de rol van een Duitse geniesoldaat of een Canadese oorlogsfotograaf. Zo wordt bewust vermeden dat de speler zelf zou moeten vechten. De klemtoon ligt meer op de morele keuzes die de speler maakt. Hoewel dit game niet met leerdoelen is gemaakt, leent het zich toch om educatief gebruikt te worden, bv. in het kader van herinneringseducatie.

Tenslotte werden ook een aantal game omgevingen gedemonstreerd die werken met Virtual en Augmented reality. Ik was vooral benieuwd naar de Hololens van Microsoft. HoloLens bestaat uit twee ringen – een buitenste dikkere plastic ring en een binnenste, dunnere ring die je om je hoofd wikkelt. De hoofdband weegt meer dan een halve kilo. De headset bevat holografische lenzen en een dieptecamera samen met luidsprekers boven de oren. Er is bovendien een groot aantal sensoren ingebouwd in de headset met een omgevingslichtsensor en niet slechts een of twee maar vier camera’s voor omgevingsdetectie die volledig synchroon werken met dieptewaarnemingscamera. De ervaring die Hololens biedt is dan ook een stuk beter dan de meeste andere VR applicaties  die ik al heb geprobeerd. Door de ingebouwde camera’s en sensoren wordt een uitgebreide en ingewikkelde kalibratie vermeden, een groot voordeel. Hololens laat zien wat mogelijk is met VR en AR maar daar hangt vooralsnog een té groot prijskaartje aan vast. Het blijft ook nog wachten op de educatieve toepassingen en goeie content.

Er beweegt wat in gameland

De gamesector is booming business. Games zijn stilaan de topper aan het worden in de entertainmentindustrie. Er gaat veel geld in om en de sector kan concurreren met Cinema en TV. Games zijn volwaardige cultuurdragers geworden en ook in Vlaanderen gebeurt er heel wat. Met de DAE in Kortrijk als beste game-opleiding ter wereld als driving force stromen er jaarlijks heel wat goedopgeleide game developers  naar de arbeidsmarkt. Die bestaat in Vlaanderen uit enkele grote studio’s en veel kleintjes. De Vlaamse regering keurde in juli een gameactieplan goed dat de sector een flinke duw in de rug moet geven. Zo wordt het budget voor het VAF gamefonds verdubbeld, is er een game coördinator aangetrokken, wordt ingezet op promotiesteun, op het beter bekend maken van educatieve games in onderwijs en op het versterken van opleiding en vorming, bv op vlak van ondernemerschap en scenario schrijven.  De volledige tekst van het actieplan vind je hier.

#gamesforce4good

Re:Pest geïntegreerd programma tegen pesten op school

banner

De preventie van pestgedrag, zelfdoding en psychische problemen staan hoog op de maatschappelijke agenda. Het voorbije jaar zijn we er meermaals mee geconfronteerd en al te veel leerlingen krijgen er  tijdens hun opleiding mee te maken. Het welbevinden van leerlingen op school is dan ook een van de speerpunten van het onderwijsbeleid.

Daarom lanceert het Departement Onderwijs het geïntegreerde programma Re:Pest. Dit lessenpakket wil een bijdrage leveren aan het voorkomen van pestgedrag op school en aan het verhogen van het welbevinden in de klas. Het lessenpakket richt zich op de eerste en de tweede graad van het secundair onderwijs.

 Re:Pest is een educatief project tegen pesten dat bestaat uit verschillende onderdelen en dat gericht is op leerlingen uit de eerste en de tweede graad van het secundair onderwijs. Het creëert een toegevoegde waarde bij al genomen maatregelen ter bestrijding van pestgedrag. Re:Pest bestaat uit volgende  onderdelen:

  • De handleiding is een hulpmiddel voor schoolpersoneel dat samen met leerlingen werkt aan een veilige leeromgeving. Het biedt naast achtergrondinformatie over pesten ook een uitgewerkt lessenpakket aan van vier lesuren. In dit lessenpakket worden verschillende werkvormen toegelicht zoals de game, onderwijsleergesprekken, rollenspelen, stellingenspel,…
  • De vorming voor leerkrachten bereidt leerkrachten voor om van start te gaan met het lessenpakket. De filosofie van waaruit vertrokken wordt in het Re:Pest verhaal wordt verduidelijkt.
  • De website, www.howest.be/repest, is bij de lessenreeks een omvangrijke bron van aanvullende informatie zoals voorbeelden, filmpjes, oefeningen, wetenschappelijk onderzoek en actuele berichtgeving.
  • Een gids voor ouders bevat informatie over de problematiek van het pesten. Het geeft tips aan ouders van kinderen die geconfronteerd worden met pestgedrag. Deze gids wordt ter beschikking gesteld van de scholen die intekenen op Re:Pest.
  •  Het educatieve 3D game Re: pest. Bijzonder aan dit lessenpakket is de game Re:Pest. Geïnspireerd door het Finse KIVA-project en dankbaar gebruik makend van de Kortrijkse antipestgame werd een serious game op punt gesteld. Leerlingen maken aan de hand van dit game op een aantrekkelijke manier kennis met situaties en  rollen die bij pestgedrag voorkomen. Een computergame maakt als dusdanig nog geen deel uit van de leermiddelen en maatregelen die binnen het bovenvermelde beleid inzake het tegengaan van antisociaal gedrag – waar cyberpesten onmiskenbaar deel van uitmaakt –  genomen werden. Echter, de Hogeschool West- Vlaanderen en Katho (Ipsoc) ontwikkelden een antipestgame in opdracht van de Stad Kortrijk. Het spel is een  simulatiegame en werd gebruikt in het kader van preventieactiviteiten van de Stad Kortrijk.

Scholen die aan de slag willen gaan met Re:Pest vinden meer informatie op www.howest.be/repest .

Oproep tot deelname aan het Netwerk van Innovatieve Scholen

In het kader van haar ICT-en digitale mediabeleid richt het Departement Onderwijs 3 nieuwe netwerken van innovatieve scholen op. Deze netwerken bestaan telkens uit minstens tien scholen die gedurende het schooljaar 2013-2014 nieuwe technologieën uitproberen en hun ervaringen uitwisselen met andere scholen uit het netwerk. Met dit initiatief wil het Departement Onderwijs voorkomen dat scholen elk op zich het warm water gaan uitvinden. Een andere doelstelling is de opgedane ervaringen, expertise en know-how te delen met het brede onderwijsveld. De scholen fungeren daarvoor als demonstratieproject en als voorbeelden van goede praktijk. Ze bundelen hun positieve en negatieve ervaringen in concrete tips en aanbevelingen en/of leermiddelen die naar het brede onderwijsveld verspreid worden, bv. via studiedagen, publicaties of peterschapsformules. 

 De drie Netwerken van Innovatieve Scholen hebben een verschillende inhoudelijke focus. De drie thema’s zijn als volgt bepaald:

  • One-to-one computing en tabletklassen of opstellingen waarbij elke leerling beschikt over een eigen ICT-toestel
  • Gaming
  • Het gebruik van GSM en smartphones in de klas

Deelnemende scholen ontvangen een beperkte financiële incentive om deel te nemen aan vergaderingen en om bepaalde concepten of technologieën uit te testen. Verder worden de scholen begeleid en ondersteund door een coördinator die samen met de scholen een jaarwerkplan opstelt en de scholen op bepaalde tijdstippen bijeenroept en seminaries organiseert. De coördinator is een expert die op basis van ervaring en expertise wordt geselecteerd door de het Departement Onderwijs & Vorming.

 De kandidaat-scholen sturen hun gemotiveerd dossier vóór 8 mei 2013 via het formulier in onderstaande link:  http://goo.gl/VPKzr

 

 

 

Poverty Is Not a Game

Gaming is aan een steile opmars bezig. De Koning Boudewijnstichting en IBBT hebben een interessante toepassing klaar die luistert naar de naam PING (Poverty is Not a Game). Het 3D serious game PING, dat werd ontwikkeld door GriN, toont aan dat games een geschikt hulpmiddel kunnen zijn om complexere maatschappelijke thema’s als armoede aan te kaarten. Op die manier willen de Koning Boudewijnstichting en IBBT zowel bijdragen aan het maatschappelijk debat over het gebruik van computergames op school als een concrete toepassing aanreiken aan het onderwijs om het thema ‘armoede’ bespreekbaar te maken. PING wil jongeren kennis laten maken met een moeilijk thema als armoede. De ministeries van Onderwijs (Smet) en Media (Lieten) co-financierden het project.

In Vlaanderen staat het gebruik van games in het onderwijs nog in zijn kinderschoenen. Nochtans wijst onderzoek van de onderzoeksgroep IBBT-MICT (Universiteit Gent) bij meer dan 400 leerlingen erop dat serious games in de klas een positief effect hebben zowel op leren als op leerplezier. Bijna drie kwart van de leerlingen had het gevoel dat ze door het spelen van PING hadden bijgeleerd over armoede. Meer dan 70% wil vaker les krijgen door middel van games en 75% vond PING een leuk spel. Interessant was ook dat meisjes tenminste even positief stonden ten aanzien van de game en dat zowel ASO als TSO leerlingen zich aangesproken voelden

Het spel PING wordt gratis online ter beschikking gesteld van alle secundaire scholen in Vlaanderen, samen met een cd en een handboek voor leerkrachten over de mogelijkheden van games op school en hoe het thema van armoede in het kader van het spel in een les kan worden aangebracht. Meer informatie is te vinden op www.povertyisnotagame.be Dit Vlaamse innovatieve spel zal bovendien ook in scholen in Portugal, Duitsland, en het Verenigd Koninkrijk worden verspreid. Het is beschikbaar in het Nederlands, Frans, Duits, Portugees en Engels

Onderwijstijdschrift Klasse brengt in haar oktobernummer een uitgebreide reportage over serious games. Over de didactische meerwaarde, hoe je games gebruikt in de klas en nieuw onderzoek over gamende jongeren.

Anders denken in onderwijs

jan_figel_150.jpgIk was opgetogen toen ik Eurocommissaris Ján Figel’ in Strasbourg hoorde zeggen: “Learning takes place everywhere. Games can help to close the gap between formal and informal learning, between schools and the world outside. (Games in Schools Conference, European Schoolnet, 5 mei 2009 CoE Strasbourg) Hoe treffend is het laatste deel van die uitspraak? Het stemt tot nadenken – dat hoop ik althans.

“Anders denken in onderwijs” verder lezen