Google Apps just got smarter

Currently reading:

Google Apps Stocks Its Marketplace Full of Educational Apps. Article by Audrey Watters, RWW, Silicon Valley, January 25, 2011.

Must read, find out, learn more:

  • why the Marketplace matters for schools.
  • why the Marketplace matters for ed-tech developers.

Aha! Google Apps Marketplace EDU!

Just reading around:

  • Google Apps Marketplace Gets An Education Category by Leena Rao, TechCrunch.
  • Google Apps just got smarter by Google.

Haiku, BrainPOP, Grockit, DreamBox … EDU sounds like poetry op Google Apps Marketplace.

To be conscious that you are ignorant is a great step to knowledge. (Toch? Mijn quote of the day: Benjamin Disraeli, 1845, via Google Books on Twitter.)

See you also @ The ‘new’ Sausage Machine?

App voor in de klas: aanwezigheden opnemen (reblogging Pedro)

 Attendance via Is het nu generatie X, Y of Einstein?

Computerwetenschapper en docent David M. Reed maakte de tool Attendance voor de iPhone waarmee je gemakkelijk klaslijsten kunt inladen. Gewoon via de smartphone kun je nu de aanwezigheden bijhouden. En je kunt er zelfs groepjes mee vormen: Meer info hier. … Read More

Pedro over technologie, jongeren en hun leerkracht

Pedro De Bruyckere, lesgever lerarenlopleiding Arteveldehogeschool en onderzoeker naar het gebruik van popmuziek in de klas, heeft een filmpje opgenomen naar aanleiding van een wedstrijd. Doel was een opmerkelijk idee geven om leerlingen te enthousiasmeren.

Het werd een filmpje over het omgaan met jongeren, het gebruik van technologie, het ontkrachten van de 3 mythes over technologie, de hype cycle van Gardner en tips voor elke leerkracht. Enjoy.

Google Lit Trips: nieuwe remedie tegen ontlezing van jongeren

  A Different Way to Read Great Literature! Literatuur lezen of onderwijzen met Google Earth: hulde aan Jerome Burg, 2010 Microsoft Education Award voor Google Lit Trips! De wereld draait vooruit. Alle beetjes helpen tegen ontlezing van jongeren, toch. Moet er nog zand zijn!?

Humo tipte ze deze zomer al, de Google Lit Tripsga met een goed reisverhaal in de tuin zitten en zet achteraf de laptop aan om op Google Lit Trips de voetsporen van de personages te drukken.

Literatuurprofessor Jerome Burg heeft op Google Earth de trajecten en locaties van onder meer Cormac McCarthys ‘Blood Meridian’, ‘A Portrait of the Artist as a Young Man’ en de Odyssee uitgezet en van relevante tekstfragmenten, foto’s en links voorzien. (HUMO, The Wild Site, 28-07-2010.)

GLT is free software: Jerome Burg heeft hem ontworpen om wereldwijd in de klas te gebruiken. Hoe dat in zijn werk gaat, tonen tutorials op YouTube. Jerome Burg zelf publiceert op zijn site GLT-video’s die ons op het goede spoor zetten van deze motiverende manier van lezen.

De GLT sporen – hoe kan het anders – helemaal met het ‘nieuwe lezen’, waarin bijvoorbeeld Libroid een geavanceerd totaalspektakel ambieert. Lezen wordt een kaleidoscopische sensatie met steeds meer snelheden. Speciaal aan de Google Lit Trips is dat ze voor wereldwijde leesbevordering bedoeld zijn. Hun maker Jerome Burg huldigt immers de filosofie van delend leren of classroom 2.0.

Besluit 1. Iedereen kan gratis littrippend leren lezen en met zijn eigen littrip bijdragen aan de ‘ontsluiting’ van grote literatuur voor grote groepen (jonge) lezers. Ik dacht hierbij aan een recente stelling van Wilfred Rubens: De motivatie van studenten en leerlingen wordt niet alleen beïnvloed door de manier waarop we ICT inzetten, maar ook door de technologie op zich.*(Presentatie #owd10 Vormt motivatie de sleutel tot leren in 2011? Slide 35) Dit geldt zeker ook voor het lezen/bestuderen/doceren van literatuur met GLT.

Besluit 2. Geen zin in virtuele ver-beeld-ing? De verbeelding live en letterlijk laten spreken? Er is altijd nog het motiverende en inspirerende van voorlezen, vraag dat maar aan de Stichtingen Lezen met hun voorleesacties in Vlaanderen en Nederland en daarbuiten in Europa. Lekker gezellig intiem met zijn tweeën (of meer) op de bank. Of in de klas, zoals leraar/docent Paul de Loore die Kaas van Elsschot elk jaar integraal voorleest, en het boek na meer dan 30 jaar uit het hoofd kan reciteren!

*Voetnoot
Hoor ik daarin warempel good old Marshall McLuhan doorklinken? Is ook hij niet één van Wilfred Rubens’ (en mijn) helden?

Crossposted: The Sausage Machine.

EduBIT: studiedag voor ICT-coördinatoren EN elearningprofessionals

Update van de Edublogs.be redactie: deze studiedag werd verplaatst naar maandag 28 maart 2011.

24 november / Brussel

We kondigen graag via deze weg ook de 2de studiedag aan voor ICT-coördinatoren.Thema’s zijn ICT-beleid en elearning. Met 60 sessies over de gehele dag zeker de moeite.

1. ICT-coördinatoren volgen best de weg via edubit.be. Thema is: ICT-beleid en elearning.

2. De studiedag voor elearningprofessionals verloopt via www.elearningday.be Ze staat open voor al wie zowel in onderwijs als in het bedrijfsleven actief is in elearning. Thema is: Create & Share. Er is een volledig Adobe traject want juist Adobe biedt bij het maken en delen van leermiddelen heel wat mogelijkheden (van Adobe Acrobat tot Connect).

Wie in de gezondheidszorg actief is kan aansluiten bij het programma van eduhealth.be dat ook op die dag verloopt.

Door al deze spelers bijeen te brengen wordt dit inhoudelijk een erg sterke studiedag. Er is een begeleidende bundel ‘Create & Share’ en een Pecha Kucha op de middag. Er zijn diverse standhouders en voldoende ruimte om met hen van gedachten te wisselen.

Welkom!

Resultaten ICT Monitor Onderwijs

Zopas werden de resultaten van de eerste MICTIVO vrijgegeven. MICTIVO staat voor “Monitoring ICT in het Vlaamse Onderwijs”. Het betreft een studie van het departement Onderwijs, uitgevoerd door   onderzoekers van de vakgroepen Onderwijskunde van resp. UGent en KULeuven. De analyses hebben betrekking op de 4 groepen indicatoren die in MICTIVO worden bevraagd: ICT-infrastructuur, ICT-integratie, competenties en percepties over ICT-gebruik op school. De afname gebeurde bij zowel directies, leerkrachten als leerlingen .De analyse levert aldus een breed beeld op van de ICT-situatie in het Vlaamse onderwijs. Enkele markante resultaten:  

 Algemene computerratio’s,

Gemiddeld staan er in het gewoon basisonderwijs 38 computers en 39 in het buitengewoon  basisonderwijs. Dat geeft een gemiddelde computer/leerling ratio van 1 PC per 6,3 leerlingen in het gewoon basisonderwijs en 1 PC per 3,5 leerlingen in het buitengewoon onderwijs. In vergelijking met het secundair onderwijs zijn er minder PC’s verbonden met het internet, nl. 1 PCI per 7,7 leerlingen in het gewoon basisonderwijs en 1 PCI per 6,6 leerlingen in het buitengewoon  basisonderwijs.

Het (gewoon) SO beschikt over een groot computerpark. Gemiddeld staan er in een secundaire school 119 PC’s en in het BuSO gemiddeld 33.  In het gewoon Secundair onderwijs is er 1 PC per 3 leerlingen, die bijna allemaal ook aangesloten zijn op het internet. In het BuSO is er 1 PC per 4,3 leerlingen. PCInternetratio in het BuSO bedraagt 1 PCI per 5,5 leerlingen.

“Resultaten ICT Monitor Onderwijs” verder lezen

Over het muurtje : serious game

Collega-bloggers schreven eerder al over serious games. Een kleine zoekopdracht levert toch al snel 20 artikels op deze blog (http://www.edublogs.be/?s=game).

Ik hoef dus niet dieper te gaan dan te rapporteren over mijn aangename dinsdag : een seminarie in Mons (of moet ik Bergen zeggen?) over Serious Game. Het eerste in Wallonië met envergure. En met een groot deelnemersveld.

De bijhorende website is maar 4 pagina’s groot maar de resem aan voorbeelden die opgevoerd werden, mochten er zijn. 350 aanwezigen hebben rustig het inleidend debat aanhoord over “wat? geschiedenis? nut? effect?” en diens meer.

Interessanter waren de  daarop volgende presentaties van enkele verwezenlijkingen :

Het meermaals gelauwerde en bekroonde Silverfit : een Hollands wii-game om mobiel (tijdelijk) gehandicapten of ouderen met plezier terug aan het bewegen te zetten. Zeer geslaagd. En met een kijkje achter de schermen, nl. welke technologie er voor deze game is gebruikt. Je staat er soms niet bij stil wat je daarvoor nodig hebt maar het Brusselse bedrijf Softkinetic leverde de engine voor 3D-rendering en objectherkenning.

 Taatu verbaasde me. 1,5 miljoen kids gebruiken dit platform reeds. Een 2,5D wereld waar je als kid veilig kan rondlopen en allerhande leren, bestuderen, interageren, maken, … VT4 was al blijkbaar eerder langsgeweest want je kon als avatar je eigen “The Block” inrichten. Maar ook meer educatieve mogelijkheden die je als bedrijf, instelling kan benutten. ( taatu youtube filmpje-moet je zeker even bekijken)

Fishing Cactus is een KMO uit Bergen (Mons!) die games als advertising gebruikt. Niet echt nuttig voor onderwijs dus. Maar toch ook hier een duidelijke opkomst van mobile.

Mijn favoriete presentatie : Bricomania is een 2,5D game van de Waalse firma Crossroads waar je als stagiair in een Doe-het-zelf-zaak begint te werken. Met alles erop en eraan. Je komt in contact met collega’s waarvan je moet leren, je planning opstellen, klanten vriendelijk adviseren enz. Een echt leuke manier om je eerste werkervaring eens te simuleren. Een echte aanrader !

Het vermelden waard : de publieksprijs en trofee Now.belle werd voor deze eerste editie uitgereikt aan Les Secrets d’Ombyliss van Belle Productions, een game waarin een kafkajaanse wereld wordt opgevoerd om inzicht te krijgen in en je te sensibiliseren voor het thema “fysieke handicap”. Knap, mooi vormgegeven. Serious? Ja. Educatief? Minder. Maar wel interessant.

Nog even voor “la petite histoire” (ja ik was helemaal ondergedompeld) : we kregen een game mee naar huis en de kids hier thuis hebben NeuroDyssée mogen uittesten. 16jaar (m) zegt : “pfff. Dat is een domme quiz. 15jaar (v) zegt niet meer dan “Deuuuheuuuu. Saaaahaaaai.” En 12jaar(m) zegt : “Mooooeeeeiiiilijk zeg.” Zo zie je ook weer dat je als gamemaker de bal soms dik mis kan slaan.

Met de iPhone op Moodle? Test de toepassing

Moodle menu op de iPhone

Gebruikt jouw instelling of school Moodle als leerplatform? Of beschik je over een iPhone of een iPod touch en wil je wel eens een mobiel leerplatform uitproberen? Dan kan je vanaf vandaag een webtoepassing voor iPhone of iPod touch uittesten in Moodle.

De toepassing is ontwikkeld door een klein Belgisch/Peruaans team (leerkrachten, dokters, designers) van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen en het Instituto de Medicina Tropical Alexander von Humboldt in Lima, Peru.

Moodle is een gratis leerplatform dat berust op enthousiaste vrijwilligers om alle code up-to-date te houden. Voor de iPhone/iPod/Moodle toepassing is deze filosofische gedachte van toegankelijkheid en betaalbaarheid doorgetrokken. Om een optimale gebruiksvriendelijkheid voor onderwijsinstellingen, NGO’s en kleine KMO’s te verzekeren zal de code na de demofase vrijgegeven worden onder een Creative Commons General Public license.

Het volledige project baseerde zich op drie hedendaagse sleutelwoorden: transparantie (iedereen die zijn/haar steentje bijdroeg wist dat de code gratis ging aangeboden worden), samenwerking (er werden mensen van overal aangesproken, wat uiteindelijk resulteerde in een Internationaal team van vrijwillig/st/ers) en vertrouwen in openheid (alle stappen werden open gedeeld, iedereen die wou kon mee in het project stappen).

De iPhone en de iPod touch worden al in verschillende onderwijsvormen gebruikt (hier vind je een lijst van iPod touch toepassingen – Engelstalig), vandaar dat we dachten dat deze toepassing een meerwaarde kon zijn voor het onderwijs.

Wil je alles mee uittesten? Ga dan naar http://iphone.moodle.com.au/

Wil je meer weten of achterhalen hoe dit project tot stand kwam? Kijk dan op deze site.

EduBIT – platform voor ICT-coördinatoren – wedstrijd de klasvanmorgen

EduBIT logo

EduBIT (edubit.be) is een nieuwe vzw die zich vooral richt naar ict-coördinatoren (didactisch en systeemtechnisch) met als doel snelle uitwisseling omtrent nieuwe technologieën mogelijk te maken maar anderzijds de plaats van de ict-coördinator sterker te ondersteunen.

EduBIT verleent geen diepgaandere vormingen – er zijn voldoende nascholingen via de netten, ren-vlaanderen e.a. – maar meer een breder spectrum waar de ict-coördinator op vrij korte tijd kan nagaan of technologieën een antwoord bieden op specifieke vragen.

Op de eerste studiedag (29 april 2010, Lede nabij Aalst) kan men op één dag 7 korte sessies volgen, gaande van nieuwste didactische software tot backup-systemen, van smartpen tot a-server, 32 thema’s worden aangereikt alsook enkele overlegrondes waar ict-coördinatoren overleggen rond bepaalde thema’s.

Tegelijk organiseert EduBIT de wedstrijd ‘deklasvanmorgen’ waarbij een school een project kan indienen over die klasvanmorgen (hoofdprijs: 10.000 €). Wie wil deelnemen aan de wedstrijd moet een studiedag volgen (ofwel 29 april Lede / ofwel oktober Leuven).

Dingen met een grote D

Dingen, het klinkt misschien wat oneerbiedig, maar in diverse sectoren zijn Dingen met een grote D een kernbegrip geworden: 23 Dingen in bibliotheken, 23 politie Dingen, 23 Dingen voor musea, 15 Dingen voor ambtenaren.
De Dingen staan voor web 2.0 toepassingen die van belang kunnen zijn bij de dienstverlening, promotie en vernieuwing binnen een sector, bv. blogs, RSS, online kantoortoepassingen, sociale netwerken, …

Ook in het kader van onderwijs zagen – met name in Nederland – enkele interessante initiatieven het licht. Zo bouwden medewerkers van Kennisnet een wiki rond 23 Dingen, al gauw gevolgd door 23onderwijsdingen.nl, een bewerking door Rob Coers in opdracht van de Overijsselse bibliotheken. Daarna kwamen er ook nog 23 OVC dingen, gecreëerd door De Onderwijsvernieuwingscoöperatie.nl.
Bij deze online leerprogramma’s is er niet alleen aandacht voor algemene web 2.0 toepassingen zoals online foto’s delen, instant messaging, microbloggen, pod-, vod- en screencasting, maar wordt ook ingegaan op o.a. tijdlijnen, animaties, mediawijsheid, veiligheid en privacy op internet, ELO’s.
Eind 2009 volgde nog een variant voor het hoger onderwijs, 21eDingen van SURFacademy. Ook zij beperken zich niet tot de klassieke web 2.0 toepassingen, maar maken ook een eDing van stemsystemen, weblectures, repositories, referentieprogramma’s, informatievaardigheden, plagiaat, Creative Commons, enz.

Op de website van 21eDingen staat: “Een goed gevulde digitale gereedschapskist helpt de docent zijn onderwijs te optimaliseren en te innoveren.”
Inderdaad, wie kennis wil maken met de toepassingsmogelijkheden van een aantal hulpmiddelen, vindt op boven vermelde Dingen sites een schat aan achtergrondinformatie, tips en praktijkvoorbeelden.

Niet onbelangrijk: al deze cursussen zijn gepubliceerd onder Creative Commons.

Play a game!

Binnen enkele weken opent Play Belgium in de Kelders van Cureghem. Deze tentoonstelling is opgebouwd rond ‘Game on’ en schets de geschiedenis van gaming, met aandacht voor nieuwe trends en technologieën. Schoolgroepen zijn vanaf januari 2010 welkom, en op 6 januari is er een speciale lerarendag, met workshops en lezingen. Op de site vindt men ook een lerarenpakket, om samen met de leerlingen meer inzicht te verwerven in het creatief ontwikkelingsproces van een game, op basis van het spel ‘Black & White‘.

Vrij archiefmateriaal via Open Beelden

Sinds enkele weken kan men op Open Beelden terecht voor een selectie (Nederlands) archiefmateriaal voor creatief hergebruik. Het materiaal in dit open mediaplatform wordt onder het Create Commons model aangeboden aan leerkrachten, auteurs, kunstenaars en wetenschappers. In de toekomst zal het ook mogelijk zijn om ook zelf (aangepast) materiaal op te laden en te delen met anderen.

Het platform laat tevens toe om te koppelen met andere informatiebronnen, zoals Wikipedia. Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid onderzoekt samen met Wikimedia Nederland hoe Open Beelden op een meer structurele manier kan ingebed worden in Wikipedia.

Studiedag Taccle

Informatie- en communicatietechnologie (ICT) is al langer in de klas voorhanden en stilaan breken ook elektronische leeromgevingen door. Het is een uitdaging om dit op een zinvolle manier in de klas te gebruiken. Technologie op zich is immers niet voldoende. Wie bij het lesgeven een ELO wil gebruiken, moet kwalitatief hoogstaande leerinhouden kunnen aanmaken en ze didactisch juist kunnen gebruiken.

Daarom is het belangrijk om leerkrachten te leren hoe ze zelf lesmateriaal kunnen ontwikkelen, hoe ze een leerpad moeten uitwerken, hoe ze hun leerlingen ermee laten omgaan en hoe ze ontwikkelde materialen met collega’s kunnen delen. Dit is het doel van het Europees gefinancierde TACCLE-project.

TACCLE voorziet in:

  1. een stap-voor-stap handboek met mogelijkheden en hulpmiddelen voor e-leren op maat van de leerkracht;
  2. op de praktijk gerichte nascholingen om vaardigheden te ontwikkelen die direct toepasbaar zijn in de klas en bij het ontwikkelen van materiaal voor e-leren;
  3. een website boordevol informatie: www.taccle.eu;
  4. jaarlijkse internationale nascholingscursussen.

Op zaterdag 17 oktober worden de resultaten van TACCLE gepresenteerd op een studiedag aan het departement HABE van de hogeschool Gent (Voskenslan 270, 9000 Gent). Deelname aan deze studiedag is gratis (maaltijden inbegrepen). Allen daarheen dus!

Meer info en het volledige programma op de website.

VTI Sint-Lucas in hogere sferen

VTI SL - UBA logoDat Frank De Winne hoog boven de wolken rondjes draait rond onze aardbol, zal iedereen ondertussen wel geweten hebben. Ruimtevaart is een discipline die tot ieders verbeelding spreekt en een prachtig staaltje van het menselijk vernuft. Dat Frank momenteel als eerste Europeaan boordcommandant is van het hoogtechnologische ISS, heeft dan ook zijn weerslag op vanalles en nog wat in ons landje. Een mooi voorbeeld is het project VTISL-ARISS: een jaar lang zijn leerkrachten en leerlingen aan het Vrij Technisch Instituut Sint-Lucas in Oudenaarde in de ban van ruimtevaart, het ISS en Frank De Winne in het bijzonder, en werden de lessen hiermee doorspekt. Het grote einddoel: een zendinstallatie bouwen met een zelf ontworpen Cross Yagi antenne en zo radiocontact maken met onze landgenoot tijdens een van zijn vele passages aan een rotvaart boven onze hoofden.
foto uit Het Laatste Nieuws
“VTI Sint-Lucas in hogere sferen” verder lezen

Wie is er bang van de boze wolf?

MC
Hehe… ik werk sinds november bij KBC ICT Services in Leuven als kennismanager (what’s in a name…). Na een loopbaan in onderwijs en overheid, op het Vlaamse departement onderwijs (als beleidsmedewerker e- en afstandsleren), op campus De Nayer (als ict coördinator voor onderwijsvernieuwing), bij de Open Universiteit (als docent open- en afstandsleren), wil ik jullie graag mijn ervaringen delen bij de overstap van onderwijs/overheid naar privé.

Eerst en vooral: KBC is geen gewone werkgever. Niet voor niets staat KBC in de lijst met beste werkgevers van Vlaanderen. Wat ik zeg geldt dus ongetwijfeld niet voor elke overstap van overheid/onderwijs naar de privé.
“Wie is er bang van de boze wolf?” verder lezen

Soms verlaagt Facebook de productiviteit niet

De laatste dagen lijkt iedereen wel een mening te hebben over het wel of niet gebruiken van Facebook op het werk. In de krant vinden we dan artikels met koppen als “Surfen naar Facebook en YouTube kan de productiviteit verhogen” (De Standaard, 03/04/2009), andere media zijn minder nauwkeurig en stellen maar gelijk dat privésurfen zelfs goed is voor je baas.

Als ik zo een kop lees, dan heb ik daar onmiddellijk mijn grote twijfels bij. Ik geloof simpelweg niet dat er een directe relatie is tussen privésurfen, en dan meer specifiek Facebook, en een verhoogde productiviteit, ik zet mijn geld eerder op het tegenovergestelde.

Wat lezen we in het bewuste artikel van De Standaard: “Werknemers die tijdens de werkuren regelmatig even langslopen op hun Facebookpagina of online aankopen doen, presteren vaak beter dan collega’s die dat niet doen. Dat blijkt uit een studie van onderzoekers aan de universiteit van Melbourne, zo meldt de Britse krant The Independent.”

Ik citeer nog 2 paragrafen uit het artikel: “‘Mensen die voor het plezier surfen op het werk – een fenomeen dat wordt aangeduid met de term ‘Workplace Internet Leisure Browsing’ of WILB – en dat voor maximaal 20 procent van hun totale werktijd, zijn ongeveer 9 procent productiever dan mensen die dat niet doen’, aldus dr. Coker.”
“‘Mensen moeten even afleiding zoeken voor ze zich opnieuw geconcentreerd op hun werk kunnen storten. Korte pauzes zoals een snelle surfbeurt op het internet zorgen er voor dat de hersenen even kunnen rusten en leiden daarna tot een grotere concentratie, en bijgevolg tot een hogere productiviteit’, legt dr. Coker uit.”

Ik heb 2 grote bedenkingen bij dit onderzoek en de resultaten: ten eerste de autoriteit van het onderzoek, en ten tweede de conclusies. “Soms verlaagt Facebook de productiviteit niet” verder lezen

Nieuwjaar: tijd voor voorspellingen, ook in e-leerland

Nieuwjaar is niet alleen het moment voor goede voornemens en beste wensen voor vrienden, familie en collega’s, het is ook een moment voor reflectie en vooruitkijken. Ook in de blogosfeer is het een gewoonte aan het worden om zich in de rustige periode rond Kerst en Nieuw te wagen aan een voorspelling of een trendanalyse.
Kristallen bol
Een kleine greep uit het aanbod:

Wat leren we uit al die artikels?

  • Ten eerste dat we met zijn allen te weinig tijd hebben om al die dingen kritisch te lezen (al wil ik wel nog tijd voor vrijmaken deze maand).
  • Ten tweede dat er op het vlak van technologie zoveel verschuivingen aan de gang zijn dat voorspellingen op het vlak van technologie erg moeilijk zijn.
  • Ten derde kunnen we vaststellen dat didactische veranderingen waarschijnlijk niet zo’n vaart zullen lopen. Het (hoger) onderwijs is (en blijft voorlopig) een sterk inerte entiteit. De meeste veranderingen zitten er waarschijnlijk aan te komen in volwassenenonderwijs en levenslang leren, waar het netwerkleren sterk toeneemt.
  • Ten slotte is duidelijk dat onderwijs zonder het Web volstrekt ondenkbaar wordt. Zaak is nu nog om goede werkvormen, situaties en evenwichten te vinden.

Studiedag digitale leermiddelen: overzicht

(Deel 1 van 3 posts over de studiedag digitale leermiddelen, lees ook deel 2 en deel 3)

Nog voor de zomervakantie werd een studiedag rond digitale leermiddelen aangekondigd. De belangstelling was groot: wie dacht om last minute in te schrijven, kon er op 2 oktober niet meer bij.

De dag werd verdeeld in 3 delen:

  • Welkomstwoord van de organisatoren: Chris Peeters (KHM) en de visie van de Vlaamse overheid door edublogger Maarten Cannaerts.
  • Een lange tafelgesprek met praktijkvoorbeelden rond educatief gebruik van digitale leermiddelen met uitgever Geert Joris (Boek.be), Hans De Four (KlasCement), Fernand Mesdom (HUB), Bart Boelen (Toll-net), Gerd Goedschalkx (VDAB), Daniël Duseuil (Artevelde Hogeschool), Paul Decuypere (Blackboard) en Jan Schuer (Smartschool).
  • In de namiddag werden 2 parallelsessies gehouden: de eerste had als doelgroep lesgevers, ICT-coördinatoren en begeleidingsdiensten; de andere richtte zich tot professionals die vanuit organisatiestandpunt werken rond digitale leerinhouden.

Ik ga geen uitgebreid verslag schrijven over de verschillende onderdelen van de studiedag, maar in een 2e post 3 hoofdpunten aanhalen die bijna in elk verhaal terugkwamen. Digitale leermiddelen roepen namelijk vragen op wat betreft auteursrechten, (digitale) didactiek en de dualiteit tussen open en gesloten toegang tot leermiddelen.

Globaal genomen zou je kunnen stellen dat de studiedag een eerder breed overzicht gaf van alles wat met digitale leermiddelen te maken heeft: het standpunt van de (content) uitgevers en de bouwers van digitale leeromgevingen weergeven, achterliggende concepten zoals metadata duiden, voorbeelden uit studies opgezet door de Europese Unie tonen, initiatieven waarbij digitale leermiddelen verzameld worden voorstellen enz. Wat deze studiedag dus zeker deed was een inventaris maken van wat er is, een stand van zaken vandaag eigenlijk. Wat het niet deed, denk ik, was de gemiddelde of toekomstige gebruiker van digitale leermiddelen onder de deelnemers een antwoord geven op hun vragen. Het was meer een studiedag op conceptueel dan op gebruikersniveau.

Wat de organisatie betreft ben ik eerder kritisch. In de voormiddag waren maar liefst 8 sprekers gepland op een totaal van 120 minuten. Tel daar de 30 minuten voor de organisatoren bij en je krijgt een veel te lang blok. Daarnaast werd er ook zeer slecht aan tijdsmanagement gedaan, zodat de laatste spreker voor de middag terecht opmerkte: “ik krijg min 2 minuten tijd om te spreken”. Het deed mij allemaal een beetje denken aan 3 jaar geleden toen ik zelf een presentatie moest geven. Ook toen was er geen tijdsmanagement en draaiden de presentaties vaak technisch in de soep. Voor een organisatie op dit niveau zou zoiets niet mogen.

Ondanks de kritische noot, vond ik het zeker een nuttige studiedag. Het is goed om vandaag na te denken over wat we met digitale leermiddelen willen en kunnen doen. Het is ook goed dat het Ministerie van Onderwijs in dezen het initiatief heeft genomen om de discussie op gang te trekken. Het werd echter vooral duidelijk dat er nog meer vraagtekens dan antwoorden zijn.

De presentaties van de studiedag worden hier verzameld.

(Deel 1 van 3 posts over de studiedag digitale leermiddelen, lees ook deel 2 en deel 3)

De wereld in 2019?


Wil je ook weten hoe de wereld er in 2019 uit zal zien? Doe zeker mee aan het eerste massively multiplayer forecasting spel Superstruct (http://www.superstructgame.org).

The Institute for the Future (werk nu daar!) zette dit spel op om na te denken over de toekomst. Het is gebaseerd op het feit dat duizenden gemotiveerde deelnemers bloggen, schrijven, interageren, nadenken…, over de toekomst in 2019: wie ben ik, wat voor werk doe ik, wat zijn mijn problemen, hoe los ik die op,…
Het is een soort role playing game, maar dan nuttig ingezet om te voorspellen wat trends en antwoorden zijn.

Vooral boeiend dat zij zelf ook veel input leverden en voorstudiewerk deden: ze delen de uitdagingen op in vijf grote delen, nl. ravenous (voeldselvoorziening), quarantine (ziektekiemen wereldwijd), power struggle (stroomvoorziening), generation exile (massale volksverhuizingen vanwege klimaat, oorlog…), en outlaw planet (massale online anarchie, kraken van servers, verloren gaan van privacy…)
Elke uitdaging kreeg (krijgt) een achtergrondfim, rapport, user blogs, expertencommissies…,

Men voorziet ook een aantal mogelijke oplossingspistes voor de uitdagngen, bvb. meer en betere instrumenten om met honderdduizenden online samen te werken, instrumenten om je online identiteiten te beheren, leadership (waardoor onze leiders zich erg bewust worden van de relatie planeet-mens), swarm intelligence (waardoor massa’s mensen toch pseudo-intelligentie beginnen vertonen 😉

Knap spel… benieuwd wat daaruit zal volgen! Ik vind het vooral spectaculair wat voor innovatieve werkvormen men gebruikt om de combinatie te maken tussen “experten” en “deelnemers”… De interactie tussen alle gebruikers en groepen zou een dynamiek moeten geven van jewelst!

Wat heeft dit met onderwijs te maken? Ik vind dit persoonlijk een erg rijke site, vol achtergrondrapporten, mooie (verzonnen én echte) verhalen, uitdagingen én antwoorden voor de toekomst… je weet wel, die toekomst waarop wij onze jeugd proberen voor te bereiden.