Learning Tech Day

CDHcNZsUIAAWFeY
Afbeelding via @Haspie

Afgelopen week organiseerde Mathias Vermeulen (Winston Wolfe) de allereerste Learning Tech Day, een conferentie over (e)leren, voor en in samenwerking met de Vlaamse bedrijfswereld. Er waren maar liefst 3 keynote speakers en verschillende break-out sessies. Edublogs was aanwezig, en keek even over het muurtje hoe bedrijven ‘leren’ aanpakken.

Keynotes

De eerste spreker was Chad Udell, een Amerikaanse professor, entrepreneur en schrijver die focust op mobile learning. Zijn betoog ging vooral over hoe de flexibele werknemer, die weinig op bureau is (denk het Starbucks/coworking type), anders wil gaan leren: via een mobiel, gepersonaliseerd, interactief en open sociaal netwerk platform. Hoe Chad Udell dit concreet ziet, werd tijdens de keynote niet besproken, waardoor deze sessie een beetje in vaagheid bleef steken.

De tweede keynote werd gegeven door Ben Betts, oprichter van het sociaal netwerk platform Curatr. Dit platform focust op samenwerkend leren met gamification elementen en leent zich tot het opzetten van (privé) MOOCs. Ook deze keynote bleef een beetje vaag, maar het voordeel is wel dat er over enkele weken een Nederlandstalige MOOC start over hoe men sociaal leren kan invullen, gebruik makend van het platform Curatr (hier inschrijven).We kijken alvast uit naar deze concrete invulling.

De derde keynote werd gegeven door Frank Van Massenhove
(Voorzitter van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid). Van Massenhove is vooral bekend als een bijzondere manager die ook echt een verschil heeft gemaakt, door zijn ambtenaren thuis te laten werken en daar enorme besparingen met realiseerde. Deze keynote ging minder over leren, dan wel over hoe je de nieuwe werknemer kan organiseren. Van Massenhove is een zeer inspirerende manager en voor mij het absolute hoogtepunt van deze dag.

Leren in het Vlaamse bedrijfsleven

Naast de keynotes, brachten enkele bedrijven sessies over hoe ze e-leren aanpakken in het bedrijfsleven. Mij vielen volgende zaken op:

1) Aansluitend bij de keynotes, hadden enkele spelers het over de nieuwe werknemer en leren via sociale netwerken. Hoe ze dat leren voor dit type werknemer aanpakken en of er concreet ook geleerd wordt, blijft toch een groot vraagteken.

2) Veel elearning-spelers gaven aan dat het moeilijk is om leren te ontwerpen in Vlaanderen. Veel bedrijven zien leren immers nog als iets dat voornamelijk in cijfers moet kunnen weergegeven worden: x% heeft de nieuwe procedures gelezen en y% de bijhorende vraagjes correct beantwoord etc. Deze klanten wensen dan ook voornamelijk ‘Rapid e-Learning’ oplossingen, een modeterm voor e-learning oplossingen die snel in leerbehoeften voorzien en bij voorkeur ook nog eens goedkoop zijn.

3)  Een groot deel van de e-learning bedrijven voorzien ook nog in de e-learning oude stijl: learning management systems (elektronische leeromgevingen), leerpaden, leerobjecten en de bijhorende vragen aan het einde van het leertraject.

Conclusie:

De traditionele werknemer wordt steeds vaker vervangen door zijn flexibel evenbeeld. Een nieuwe vorm van leren zal dan ook noodzakelijk zijn om te voldoen aan de wensen van deze nieuwe werknemer. Vandaag zitten we duidelijk op een scharniermoment en zoekt iedereen zijn plaats onder de zon. Bedrijven zullen wel iets verder moeten gaan, dan ‘leren’ zuiver te interpreteren als een snel tussendoortje dat het personeel moet ondergaan en dat afgevinkt kan worden van een todo-lijstje. E-learningbedrijven zullen dan weer met oplossingen moeten komen die mobiel, gepersonaliseerd, interactief en samenwerkend leren faciliteren én realiseren.

Veel vragen blijven dus onbeantwoord. Op naar Learning Tech Day 2016.

Keynote Pierre Dillenbourg: Ten surprises in our MOOC experience

Onderstaande post werd geschreven op basis van de Keynote van Pierre Dillenbourg op IFLA 2014 in Lyon. Mocht u Pierre Dillenbourg niet kennen, hij is naar mijn mening België’s belangrijkste wetenschapper in het onderwijsveld. Wie nog wat meer achtergrond over MOOCs wenst, kan eerst deze eerder gepubliceerde post lezen.

EPFL

Dillenbourg is momenteel professor en onderwijsdirecteur aan de Universiteit van Lausanne (EPFL). Traditionleel heeft de universiteit 10.000 studenten, nadat de universiteit begon met MOOCs, werden het er maar liefst 600.000. De MOOCs aan het EPFL worden in het Frans of het Engels gegeven, vanaf komend academiejaar zal elke MOOC (via ondertiteling) in beide talen beschikbaar zijn. Alle cursussen zijn gratis toegankelijk. Er is de mogelijkheid om een gratis certificaat te krijgen na afloop van de MOOC, alsook de optie voor een betalende (en meer uitgebreide) versie. Maar opgelet, deze certificaten worden door het EPFL, alsook de Vlaamse instellingen, zelden gelijk gesteld aan studiepunten of credits.

Welke studenten?

De studenten die deelnemen aan een MOOC, zijn traditioneel hoger opgeleid. Ook aan het EPFL is dat niet anders, slechts een minderheid heeft enkel een diploma secundair onderwijs (of lager). Deze steeds terugkerende  vaststelling impliceert dan ook dat MOOCs ons hoger onderwijs niet zomaar kunnen vervangen. Het lijkt erop dat alleen wie voldoende ‘zelfstudie’ capaciteiten bezit, baat heeft bij MOOCs.

MOOCs een Amerikaans verhaal?

Een doorn in het oog van menig Europeaan is de Amerikaanse dominantie binnen de MOOC aanbieders. De grote drie, Coursera, edX en Udacity komen uit de VS, binnen Europa is Futurelearn de bekendste (UK). Recent zagen we ook meerder Europese landen met een eigen platform beginnen (zie bv Wikipedia voor een uitgebreider overzicht). Dillenbourg ziet nochtans voordelen voor Europa, want wij hebben Bologna. Alleen is er op dit moment nog veel te weinig samenwerking tussen de Europese landen.

Van open leermateriaal tot volledig curriculum

Dillenbourgh maakt een interessante as m.b.t. tot de samenhang van leermiddelen. Aan de ene kant van het spectrum bevinden zicht de open educational resources (OER) of open leermaterialen (denk Klascement.be in Vlaanderen) die de leerkracht kan gebruiken binnen zijn eigen lessen. Deze meestal kleine leerobjecten kunnen zowel bestaan uit een cursustekst, een oefening, een video, een java applet etc. In het midden van de as zit de MOOC die een volledige cursus omvat over een specifiek onderwerp. Aan het andere einde van de as staat een volledig curriculum. Het bekendste voorbeeld momenteel van een volledig curriculum bestaande uit MOOCs is de Master opleiding in Computer Science die wordt aangeboden door Udacity, Georgia Tech en AT&T. Het meest bijzondere aan deze opleiding is de kostprijs, zijnde 7.000 dollar, een koopje als je weet dat deze opleiding normaal 200.000 dollar kost in de VS. Ergens tussenin zitten nog gespecialiseerde websites die categoriseerde leerobjecten aanbieden, de bekendste is ongetwijfeld de Khan Academy“Keynote Pierre Dillenbourg: Ten surprises in our MOOC experience” verder lezen

Lezing stressvrije scholen

Transcendente meditatie en stressvrije scholen

Het is woensdagochtend 26 februari. In het Gentse vormingscentrum Guislain geeft de Canadese Dr. in de fysica Ashley Dean een lezing met de welluidende titel: ‘Stress-free schools through consciousness-based education. Unfolding the inner genius of every student’.

De lezingen zijn een initiatief van de Belgische Maharishi Institute of Vedic Science VZW en de David Lynch Foundation. In mei vorig jaar werd een eerste reeks lezingen geven, deze week geeft Dr. Dean opnieuw 10 lezingen in 5 Vlaamse Steden.

Uitgangspunt is de transcendente meditatie. Dit is een specifieke meditatie die vorm gegeven werd door de Indiër Maharishi Mahesh Yogi. De meditatie kan enkel aangeleerd worden bij een erkende instantie, in Vlaanderen is dit de reeds hierboven vermelde Maharishi Institute of Vedic Science.

Het doel van de organisatie is om deze vorm van meditatie te integreren in het lesprogramma. Voor de leerlingen en de leerkrachten betekent het concreet dat men tweemaal 15 minuten per dag samen tijd neemt om te mediteren. Het mediteren zelf wordt altijd één-op-één aangeleerd.

Voordelen: ze zijn er, soms eerder vaag en een beetje mistig

De voordelen van transcendente meditatie zijn meervoudig volgens Dr. Dean: reductie van stress en angst, ontwikkeling van het brein, verhoogde creativiteit, betere gezondheid en relaties. Binnen een schoolomgeving zou dit de leerlingen rustig maken, de stress- en de criminaliteitscijfers laten dalen, de leerwinsten aanzienlijk verbeteren en het aantal drop-outs sterk reduceren. Alle beweringen werden ondersteund met cijfermateriaal, maar op basis van enkel de presentatie, is het moeilijk in te schatten hoe wetenschappelijk onderbouwd dergelijke stellingen zijn.

Iets vager werd het allemaal toen Dr. Dean over de macro-effecten begon. Als 1% procent van een gemeenschap actief transcent mediteert, dan treedt er een golf-effect op: de rust en alle hierboven opgesomde voordelen zullen zich verspreiden over de volledige gemeenschap via een soort ‘veld’. Er werden ook slides getoond die aantonen dat er vandaag al minder conflicten zijn en dat de criminaliteitscijfers in sommige steden reeds enorm gedaald zijn (Liverpool). Dr. Dean had ook voor ons uitgerekend hoeveel de gezondheidszorg in België kost per persoon, zijnde 3700 euro per persoon per jaar. Mochten we allemaal transcendent gaan mediteren, dan zou het ons zelfs 5600 euro per 5 jaar besparen. Een leerling transcendent leren mediteren kost dan weer 200 per persoon, maar het zou wel 300.000 euro opbrengen…

Wat transcendente meditatie nu precies op microniveau met ons doet, heb ik ook niet helemaal begrepen. Het zorgt ervoor dat ons brein ‘coherent gaat functioneren’ en toegang krijgt tot een dieper niveau in onszelf waar meer kennis in zit dan we eigenlijk beseffen. Ook de ‘inner genius’ bleek een rekbaar begrip. De nadruk bleef namelijk liggen op een goed presterend kind, niet op een kind dat zich gewoon goed voelt.

Kostprijs

Maar hoeveel kost het u nu? Het business-model achter deze lezing is uiteraard het verkopen van meditatie-lessen (gespreid over 4 dagen). Normaal kost een dergelijke training 1200 euro in Vlaanderen, maar nu kan het voor 900 euro. Het laagste tarief dat werd vernoemd was 450 euro. Voor de eerste school in België die begint met het implementeren van de transcendente meditatie, zal de David Lynch Foundation alles terugbetalen. Men gaf ook toe dat het in België bijzonder moeilijk is om een school te overtuigen. De eerste ronde in mei was in die zin dus niet succesvol.

Veel publiek zat er niet in de zaal (20 max), maar dat had waarschijnlijk met het aanvangsuur te maken, aangezien de namiddagsessie en de avondsessie wel degelijk uitverkocht zijn. Enkele aanwezige leerkrachten hadden interesse, maar zagen zich niet in staat om de directie en de collega’s te overtuigen. Het meest pakkende moment vond ik zelf een meisje van 18 die zichzelf voorstelde als een drop-out die graag terug naar school zou willen, op voorwaarde dat ze er aan transcendente meditatie doen. In de VS kan je daarvoor bij Dr. Daens’ school terecht, maar in Vlaanderen zijn er helaas voor haar, geen op transcendente meditatie-gebaseerde alternatieven beschikbaar.

Conclusie

De lezingen rond stressvrijen scholen staan enorm in de belangstelling en kunnen zowel rekenen op applaus als op hoongelach. Ik heb behoorlijk wat zaken gehoord waar ik mijn ernstige twijfels bij heb, maar anderzijds vind ik ook niet dat we kind met hat badwater moeten weggooien. We hebben met z’n allen te veel stress (denk ADHD, depressie bij kinderen etc.) en de tijd die effectief aan leren besteed kan worden is inderdaad op veel scholen dramatisch (50 minuten in theorie, soms amper 5 effectief). Als onderzoeker zou ik het zeker interessant vinden om onafhankelijk onderzoek op deze methode en andere vormen van meditatie los te laten. Een beetje meer innerlijke rust kan vast geen kwaad in deze toch wel hectische tijden.

Trend: MOOCs zetten e-leren in de schijnwerper

The New York Times doopte 2012 tot “The Year of the MOOC”. Sindsdien staan MOOCs, voluit Massive Open Online Courses, bovenaan menig trendlijstje. Een MOOC is een vorm van online leren. Net zoals bij andere vormen van afstandsonderwijs volgt de cursist enkel online lessen.

Afstandleren verschilt van blended learning in de zin dat men bij deze laatste ook deels fysiek op de campus aanwezig is. Binnen het afstandsonderwijs onderscheiden MOOCs zich vandaag doordat ze gratis zijn, geen credit opleveren (enkel tegen betaling) en het grote aantal cursisten die deelnemen.

MOOCs ontstonden in Canada vanuit het idee dat onderwijs ‘vrij’ (open) moet zijn, maar de grote doorbraak kwam er in Noord-Amerika nadat enkele nieuwe (meestal for profit) platformen ontstonden zoals Coursera, Udacity en edX. Het initiële succes van MOOCs, en dan vooral binnen de VS, dient men voornamelijk te zien in het licht van de enorme besparingen binnen het onderwijs, de torenhoge studiekosten (een diploma kost er minstens 25.000 dollar) en het gegeven dat reeds vandaag al een derde van alle studenten er via afstandsonderwijs een diploma behaalt.

Vandaag zijn MOOCs voornamelijk het speelveld van (Westerse) universiteiten die ze gebruiken als showcase (marketing voor de instelling) om zich te profileren t.o.v. de concurrentie, maar ook met het oog op het enorm potentieel aan studenten binnen Afrika en Azië. In Europa ziet men MOOCs als een alternatief voor Erasmus en een mogelijkheid tot (hernieuwde) samenwerking met ontwikkelingslanden, vooral Franstalig Afrika. Momenteel vervangen MOOCs nog maar zelden volledige bestaande opleidingen. Tijdens een MOOC-conferentie in Brussel (ACA, 10 oktober 2013) werd data getoond waaruit blijkt dat er in Europa bijna evenveel MOOCs georganiseerd worden als in Noord-Amerika en dat de meest gebruikte taal er ook het Engels is. Het verschil tussen beide continenten is voornamelijk te vinden in de manier waarop het onderwijs gefinancierd en georganiseerd wordt.
“Trend: MOOCs zetten e-leren in de schijnwerper” verder lezen

Studiedag: afstandsleren in de praktijk

Op donderdagnamiddag 22 december organiseert de campus Mercator van de Hogechool Gent een studiedag rond afstandsleren.

Tijdens deze studiedag wordt het thema afstandsonderwijs belicht vanuit diverse perspectieven (organisatie, lector, student, werkveld, wetenschap, overheid). De keynote met als topic “Afstandsonderwijs: ontwerpen is de boodschap!” wordt verzorgd door prof. dr. M. Valcke, vakgroepvoorzitter onderwijskunde UGent.

De studiedag kost 40 euro en bevat een exemplaar van het boek ‘Afstandsleren in de praktijk’.

Meer info op de website van de studiedag. De folder (2 bladzijden) met het volledige programma van de studiedag kan u hier downloaden,

Bespreking studiedag: “The Education Highway”

Gisteren vond de studiedag “The Education Highway” plaats, dat werd georganiseerd door de Vlaamse Hogescholenraad (VLHORA). De studiedagen van de VLHORA hebben geen vaste topics, en ditmaal werd gekozen voor het drieluik sociale media, elektronische leeromgevingen en security.

In de voormiddag kwamen de 3 onderwerpen aan beurt in de vorm van keynotes. De eerste presentatie werd gegeven door marketeer Steven Van Belleghem, ook bekend als de auteur van de “The conversation manager“. Vervolgens was het de beurt aan Stephen Downes. Het contrast kon bijna niet groter zijn: commercieel versus open en glad versus kurkdroog. Downes is al jaren een voorvechter van “open” onderwijs. Hij bracht zijn verhaal op zijn geheel eigen wijze: zonder franjes en met een rits wetenschappelijk onderbouwde argumenten. Meestal is enige achtergrondkennis mbt recente leerstrategieën, concepten en didactische werkvormen aangewezen om zijn discours te volgen en dat was hier niet anders. De laatste keynote werd gegeven door Andy Deprez over security en risk management. Geen slecht woord over de inhoud of de spreker, maar het was meer een verhaal op managementniveau dan voor onderwijzend personeel.

De drie keynotes werden na elkaar gegeven, zonder enige mogelijkheid tot vragen stellen, en zonder dat er enige interactie was tussen de 3 sprekers. Op die manier miste het geheel wat peper en zout en bleven er heel wat deelnemers op hun honger zitten.

Tijdens de namiddag stonden er nog 3 sessies op het programma met telkens keuze uit 5 sprekers. De meeste presentaties zijn terug te vinden op de website van de organisatie. Voor het slotwoord had men minister Q uitgenodigd, maar die stuurde helaas zijn kat.

De studiedag was in geen tijd uitverkocht, wat wijst op de noodzaak aan informatie vanuit het hoger onderwijs, en dan vooral de hogescholen, omtrent nieuwe technologieën. Een jaarlijkse conferentie omtrent ICT en onderwijs voor het hoger onderwijs zou zeker welkom zijn. Vraag is alleen wie het gaat organiseren.

Een woord van dank aan de VLHORA is hier zeker gepast voor de vlotte organisatie van het event. Laten we hopen dat de interesse voor het onderwerp iemand binnen het onderwijslandschap inspireert om de fakkel over te nemen.


 

 

Studiedag: The education highway

Op 24 oktober 2011 organiseert de VLHORA zijn jaarlijkse studiedag in het Vlaams Parlement. Als onderwerp werd gekozen voor onderwijs en ICT. Dit jaar wil de VLHORA een aantal actuele onderwerpen aankaarten waar iedereen in het hoger onderwijs vandaag mee geconfronteerd wordt. In drie grote tracks worden evoluties op het vlak van sociale media, elektronische leeromgevingen en security en hun invloed op het onderwijs aangekaart.

In de voormiddag staan er keynotes op het programma van ondermeer Steven Van Belleghem (bekend van zijn boek ‘The Conversation Manager‘) en Stephen Downes. Met Downes haalt de VLHORA dan ook een internationaal gewaardeerd spreker naar Vlaanderen, die vooral bekend is voor zijn streven naar ‘Free Learning‘.

Inschrijven kan via de volgende website: http://www.vlhora.be/vlhora.asp?link=0193

 

Dramatisch tekort aan stageplaatsen in de lerarenopleidingen

Voor een leraar in opleiding is de stage meestal het belangrijkste moment van het academiejaar. Sinds dit jaar lijkt deze zo noodzakelijke ervaring honderden studenten overal in Vlaanderen niet meer gegund. De toestand is dramatisch en pijnlijk voor alle betrokken partijen, zoveel is duidelijk. Maar vooral de studenten in opleiding zijn de pineut. Het missen van een stageplaats is een ontgoocheling van formaat en een aanslag op de kwaliteit van hun studieloopbaan.

De zogenaamde “expertisenetwerken”, de samenwerkingsverbanden tussen de lerarenopleidingen, hielden een bevraging en daaruit blijkt dat 30 tot 35 procent van de aanvragen geweigerd wordt. Volgens die bevraging weigeren steeds meer scholen systematisch stagiairs, wat dan weer de druk op andere scholen verhoogt. (De Standaard, 25/01/2011).

Vlaams minister van Onderwijs Pascal Smet (sp.a) heeft, in samenspraak met de lerarenopleidingen, een task force opgericht die naar oplossingen moet zoeken, liet hij weten aan Vlaams parlementslid Kathleen Deckx (sp.a). (Het Laatste Nieuws, 25/01/2011).

De hogescholen verwijzen als oorzaak al langer dan vandaag naar het afschaffen van de mentoruren. Het mag dan ook niet verbazen dat minister Smet, die de uren heeft afgeschaft, dit argument weigert te aanvaarden. Volgens hem, aldus de hierboven geciteerde artikels, ligt de oorzaak bij de grotere stageomvang sinds de curriculumhervorming in 2006 en het recente gestegen aantal studenten in de lerarenopleiding.

Ook Tom Demeyer, voorzitter van de Vlaamse Vereniging van Studenten reageert via een persbericht. “We begrijpen de verhoogde druk op de leerkrachten die als stagebegeleider moeten optreden,” zegt Demeyer. “Het is dan ook verstaanbaar dat hier extra ondersteuningsmiddelen en maatregelen voor moeten zijn. Het afschaffen van de mentoruren mag echter geen excuus zijn om de maatschappelijke verantwoordelijkheid om toekomstige leerkrachten te vormen van zich af te schuiven”.

Wie een beetje de actualiteit binnen het onderwijs volgt, zag het probleem al lang aankomen. Met de mentoruren en de daaraan verbonden mentorenopleiding was er een gezonde samenwerking ontstaan tussen stagescholen en lerarenopleidingen, een win-win situatie waar iedereen zich kon in vinden. Met de afschaffing van het systeem werd in één keer alle expertise overboord gegooid en moet er weer gerekend worden op de goodwill van het werkveld. De minister gaat het oplossen met een “task force”. Maar kan er bij de leerkrachten nog een druppel bij?

Pedro over technologie, jongeren en hun leerkracht

Pedro De Bruyckere, lesgever lerarenlopleiding Arteveldehogeschool en onderzoeker naar het gebruik van popmuziek in de klas, heeft een filmpje opgenomen naar aanleiding van een wedstrijd. Doel was een opmerkelijk idee geven om leerlingen te enthousiasmeren.

Het werd een filmpje over het omgaan met jongeren, het gebruik van technologie, het ontkrachten van de 3 mythes over technologie, de hype cycle van Gardner en tips voor elke leerkracht. Enjoy.

GameHUB kick off

Op 23 november nodigt GameHUB geïnteresseerden uit voor hun kick off in Hasselt.

“GameHUB” is een samenwerkingsverband van de Provinciale Hogeschool Limburg (PHL), de Universiteit Hasselt, de Katholieke Hogeschool Limburg en GROEP T Internationale Hogeschool Leuven. De komende 2 jaar zullen zij drie pilootgames uitwerken die zich situeren in de erfgoed- en de educatieve sector. Het tweejarige project wordt gerealiseerd met Europese (EFRO), Vlaamse (HERMES) en provinciale (Limburg en Vlaams-Brabant) middelen.

De onderzoekers ontwikkelen binnen dit project samen met studenten drie pilootgames. De processen van de totstandkoming van een (serious) game worden gedocumenteerd en de opgedane kennis stroomt door naar ondernemers, onder andere d.m.v. studiedagen en workshops. Hierbij worden niet enkel gamebedrijven betrokken, GameHUB wil ook de interesse wekken van starters en andere ondernemingen.

De kick off wordt geopend met een toespraak van minister van Innovatie en Media, Ingrid Lieten. Nadien volgen enkele sprekers en een panelgesprek. Tijdens de receptie kan men drie tentoonstellingen bezoeken die een idee geven van de drie games die ontwikkeld worden.

Inschrijven voor de kick off is gratis via deze link.

Vlaamse bijdragen aan de Surf Onderwijsdagen 2010

Eergisteren heb ik eindelijk eens een presentatie kunnen geven over mijn doctoraatsonderzoek. Ik heb enkele internationale conferentiebijdragen ingediend in de hoop daar te kunnen presenteren, maar tussen het indienen en het effectieve presenteren, ligt al gauw een periode van 9 maanden. Dat wil zeggen: als je toegelaten wordt. In dat opzicht zijn conferenties als de Surf Onderwijsdagen dan ook een geschenk uit de hemel.

“Vlaamse bijdragen aan de Surf Onderwijsdagen 2010” verder lezen

Surf Onderwijsdagen 2010

Deze week vonden in Utrecht de Surf Onderwijsdagen 2010 plaats. Meer dan 1000 onderwijsprofessionals, waaronder enkele Vlamingen, verzamelden er om zich te informeren over de laatste ICT-ontwikkelingen in het onderwijs.

Mij zal vooral de laatste keynote van “Where Children Teach Themselves” van Sugata Mitra bijblijven. Mitra is vooral bekend van zijn experimenten waarbij hij groepjes kinderen een computer geeft en vervolgens uitzoekt wat ze allemaal kunnen leren zonder interventie van anderen. Zijn bekendste experiment is ‘hole-in-the-wall’, op TED zijn reeds een paar presentatie’s van deze boeiende spreker te bekijken.

De content van de Surf Onderwijsdagen kan u zelf raadplegen op Slideshare, enkele presentaties kan u (voorlopig) bekijken op deze pagina.

Programma Onderwijsdagen 2010

Begin september vroegen wij uw steun om 2 Vlaamse edubloggers op het programma van de Surf Onderwijsdagen te krijgen. Gisteren ontvingen wij het goede nieuws dat het gelukt is. Ons netwerk heeft zelfs zo hard meegewerkt, dat we eerste en tweede eindigden bij de publieke stemming. Bedankt iedereen!

Het volledige programma van de Surf Onderwijsdagen 2010 kan u hier terugvinden. Voor de volledigheid een overzicht met de Vlaamse edubloggers:

  • Jean-Marie Maes, Chamilo 2: een tweede generatie Open Source leer- en samenwerkingsplatform, 9/11 om 11u30
  • Inge De Waard, Augmented reality voor mobieltjes: wat is er, wat kun je ermee?, 10/11 om 11u30
  • Cindy De Smet, De leerkracht en de ELO: visie en gebruik, 10/11 om 14u45

Mogelijks worden enkele van deze sessies gestreamd, maar meer informatie is daarover nog niet bekend.

Stem Vlaamse edubloggers naar Dé Onderwijsdagen

Naar jaarlijkse gewoonte gaan begin november in Utrecht de Surf Onderwijsdagen door. In het verleden werden daarover op dit blog wel al een aantal postjes gepleegd.

Ik zag er in het verleden wel al eens wat Vlamingen presenteren zoals mijn eigen promotor (Martin Valcke) en oud edu-blogger Hans Coppens. Vorig jaar stond de ploeg van KlasCement op het podium.

Dit jaar zouden er 2 Vlaamse edubloggers op het podium kunnen staan, waaronder ondergetekende.

Daarom zou ik dit platform even willen gebruiken om jullie stem te vragen. Er kan van 6 september tot en met 19 september 2010 gestemd worden.

Hoe:
http://survey.parantion.nl/index.php?s=7b00a6fdba9c4f42b82d120996572741&a=lF
Kies vervolgens het eerste themavinkje: ‘Leren in 2011’

Vooraan vind u edublogger Jean-Marie:  ‘Chamilo 2: een tweede generatie Open Source leer- en samenwerkingsplatform’ door Jean-Marie Maes
Ergens middenin mezelf: ‘De leerkracht en de ELO: visie en gebruik’ door Cindy De Smet

In ruil mag u van mij alvast een verslaggeving ter plaatse verwachten. Stemmen maar!

De Edublogs Daily

Zeven maanden geleden maakten we voor deze weblog een Twitter account aan. Niet zonder succes, want vandaag tellen we al 60 volgers.

Onze Twitter account geeft ons nu de mogelijkheid om mee te doen aan de (huidige) populaire trend om gepersonaliseerde magazines aan te maken. De hype van het moment is Flipboard voor de iPad, maar ook paper.li waar je zelf een ‘dagblad’ kan aanmaken op basis van ondermeer je Twitter- of Facebookaccount.

En zo kunnen we vandaag de eerste uitgave voorstellen van De Edublogs Daily. Het systeem koos als eerste hoofdartikel voor een post uit de blog van Janien.

Waarschijnlijk is paper.li als applicatie geen blijver, maar ik vind het zelf wel een mooie bundeling van informatie uit een bepaald netwerk.

Meer info: The Edublogs Daily is terug te vinden op deze url, alsook via een widget in de rechterkolom op onze homepage. Wie ons wil toevoegen aan zijn/haar Twitter-netwerk en zo indirect deel wil uitmaken van de Edublogs Daily, kan dat via deze Twitter-account.

TEDx NY Education

Een paar weken geleden vond er een TEDx plaats in New York over onderwijs. TEDx-evenementen worden overal ter wereld georganiseerd, en zijn niet verbonden met, maar wel geïnspireerd op de beroemde TED conferentie. Ook op deze blog zijn er al meerdere verwijzingen te vinden naar de TED Talks video’s.

Op de TEDxNYED van 6 maart was het hoofdthema de invloed van nieuwe media en technologie op de toekomst van het onderwijs. Een rij indrukwekkende namen kwamen er spreken. Om er een paar te noemen: Gina Bianchini (CEO Ning.com), Jeff Jarvis (Buzzmachine.com), Lawrence Lessig (bracht ons Creative Commons), Jay Rosen (prof. journalistiek), George Siemens (connectivisme) en David Wiley (oa. open leerobjecten).

De conferentie werd live uitgezonden, maar voor wie er niet bij was, is er goed nieuws. Alle sessies zijn nu ook op YouTube te bekijken.

De (voorlopig, datum van vandaag) meest bekeken video komt van een spreker die niet in bovenstaand lijstje met grote namen staat, maar wel van wiskunde leerkracht Dan Meyer.

Meer info: website TEDxNYED en TEDxNYED op YouTube

Edublogs twittert

We hebben hier ooit eens een Facebook-experimentje gedaan, maar dat was geen succes. Waar we wel in geloven is Twitter.

Het was, om eerlijk te zijn, een lezer van deze blog (en collega van mij)  die vroeg waarom posts en comments van Edublogs.be niet automatisch op twitter gepubliceerd werden. Dus voor alle edublogslezers, stellen wij vandaag graag voor: de Edublogsbe Twitter account.

Over de inhoud van de nieuweling gaan we hier geen beloften doen. Maar u weet, hoe meer zielen, hoe meer vreugd, en waarschijnlijk ook… hoe meer tweets.

Volg ons dus nu ook via: http://twitter.com/edublogsbe

SIMIM (Sabam) ontdekt de Edublogs podcasts

Vanochtend kreeg ik een brief in de bus van SIMIM, ter attentie van “Edublogs”. Vreemd, want er is geen VZW of bedrijf met die naam op mijn adres gevestigd. Het is natuurlijk wel de naam én de domeinnaam van deze groepsblog. Nochtans staat op DNS.be mijn naam wel vermeld als contactpersoon. Maar goed, “Edublogs” heeft dus een brief gekregen. De eerste in 5 jaar is dat.

Het betreft: “het gebruik van fonogrammen die via het internet worden aangeboden aan het publiek door de podcasting-techniek”. In bijlage zat een “licentie aanvraag podcasting niet-radio’s” en, natuurlijk, de “tarieven audio podcast voor niet-radiozenders 2009?.

Ik ben niet de enige die zo een brief mocht ontvangen. Via Twitter vernam ik dat ook mijn Tech45 buddy Stefaan zo een brief heeft gekregen, maar ook @NLMA heeft de brief gekregen. Er zullen er vast nog een paar meer verstuurd zijn.

Na de bedrijven en de scholen, stonden nu de podcasters op het programma van SIMIM/SABAM lijkt het. Waarvan akte.

Crossposted op mijn eigen weblog

TACCLE: het e-learning handboek

Vandaag werd in Gent een TACCLE (teachers’ aids on creating content for learning environments) studiedag georganiseerd. Zoals u hier al eerder kon lezen, is het TACCLE- project een Europees onderwijsproject gecoördineerd door het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap en gesubsidieerd door de Europese Commissie via het Levenlang Leren Programma – Comenius. Het TACCLE-project heeft als doel om leerkrachten te helpen om hun eigen lesmateriaal te ontwikkelen voor gebruik binnen een elektronische leeromgeving (ELO).

Op het programma van de studiedag vandaag stonden enkele lezingen en workshops, daarnaast kregen alle deelnemers ook een Nederlandstalige versie van het handboek mee naar huis. Het handboek kan nu hier al in het Engels gedownload worden en via deze link kan een Nederlands exemplaar besteld worden. Vermoedelijk zal het handboek weldra ook in het Nederlands gedownload en in grotere aantallen besteld kunnen worden.

Het handboek bevat 5 delen (en 25 hoofdstukken): de eerste stappen (oa. wat is e-learning, uitleg over wiki’s – podcasten – weblogs etc), e-learning in een pedagogische context (vormen, rol van de leerkracht, doelgroep, evalueren), leeromgevingen (LMS, PLE), het creëren van digitale leerobjecten en netwerken en gemeenschappen. Elk hoofdstuk is opgebouwd uit leerdoelstellingen, een beschrijvende uitleg, opdrachten en literatuur. “TACCLE: het e-learning handboek” verder lezen

Opinie: Facebook als bewijs voor spieken

Misschien bent u al het gedoe rond sociale netwerksites stilaan beu. Want Facebook haalt tegenwoordig, net zoals Twitter of Netlog, elke dag wel het nieuws. Wat mij vooral interesseert in al die nieuwtjes is de betekenis die de betreffende sites stilaan innemen binnen ons dagelijks leven en de verandering die ze teweeg brengen of duiden.

Het meest interessante feit de afgelopen weken vond ik de bekendmaking van een beslissing van de Raad voor examenbetwistingen. Het was groot nieuws dat een conversatie op Facebook als bewijs voor examenfraude werd aanvaard (De Standaard, 25/08/09). Een dag later kregen we ook een interview met één van de studentes onder de titel “ze hebben ons verklikt” (De Standaard, 26/08/09, en ook bij Janien). Uit dat laatste artikel: “Annelien en haar medestudente liepen tegen de lamp omdat ze op Facebook hun spiekmethode overlegden en pochten hoe ze hadden samengewerkt.”

Als onderwijsmens en media lector vond ik het een bijzonder verhaal. Ik was eerlijk gezegd wel benieuwd naar het officiële besluit van De Raad voor betwistingen. Die besluiten komen met enige vertraging online, maar sinds gisteren is het bewuste Facebook besluit online.

Uit het besluit blijkt duidelijk dat het spieken werd vastgesteld op 3 verschillende momenten door examentoezichters, maar dat er geen tastbare bewijzen gevonden werden (in een digitaal tijdperk niet zo gek uiteindelijk). Tijdens een gesprek met het departementshoofd werd het spieken toegegeven en ook schriftelijk ondertekend door de studenten. Pas bij het definitieve verslag trokken de studenten hun staart in en verklaarden ze dat de bekentenis onder druk getekend werd. Vanaf dan hebben ze alle mogelijke procedures gebruikt die er waren. Er volgden binnen de school nog enkele gesprekken met studenten en toezichters. Een belangrijk rol is ook weggelegd voor medestudenten die het dossier duidelijk versterken ten nadele van hun medestudenten: de school ontvangt e-mails, anonieme brieven én een Facebook-conversatie (zie onderaan). “Opinie: Facebook als bewijs voor spieken” verder lezen