Internetgedrag bij jongeren (OIVO studie)

Een nieuwe studie van het OIVO (Onderzoeks- en informatiecentrum van de Verbruikersorganisaties) geeft een actuele inkijk in het internetgedrag van jongeren (10-17-jarigen).

Enkele markante resultaten:  

Meer dan 9 jongeren op 10 gebruiken het internet. Dat is 4 % meer dan in 2007. 3 op 4 jongeren zeggen zich veilig te voelen online behalve de 10-en 11-jarigen. Toch stellen veel jongeren gedrag dat risico’s inhoudt.

Jongeren beweren dat ze gemiddeld 7 keren per week op het net surfen. Dat is bijna drie keer minder dan in 2007. De 11-jarigen surfen het meest: gemiddeld 11 keer per week.

Vandaag surfen de  jongeren hoofdzakelijk thuis. Maar het internetgebruik bij familie, vrienden en op school neemt toe. En het is in 74 % van de gevallen de moeder die beslist om een internetaansluiting te nemen.

De populairste online activiteit is chatten (83 %), gevolgd door surfen (74%), spelen (68%), muziek downloaden (63%), mails sturen (62%), beelden en foto’s sturen (62 %). Vanaf 14 jaar zijn jongeren ook terug te vinden op discussiefora (58%).

De meest uitgevoerde activiteiten zijn: surfen 19 maal/week, films en beelden downloaden 10 maal/week, muziek beluisteren of downloaden of beelden en foto’s delen 8 maal/week, chatten en discussiefora bezoeken 7 maal/week.

Jongeren surfen gemiddeld 2,5 uur per dag, chatten 3,3 uur per dag en downloaden gemiddeld 2,6 uur.  Een op drie jongeren hebben een eigen blog of voegen inhoud toe aan andere.

Meer dan 6 op 10 jongeren zeggen dat ze geen regels opgelegd krijgen bij het surfen. Slechts 1 op 4 jongeren moet bepaalde regels volgen bij het chatten en amper 1 op 5 bij het downloaden van beltonen of films.

 Drie op vier jongeren zegt zich veilig te voelen online. In vergelijking met 2007 is het gevoel van onveiligheid afgenomen behalve bij de 10-tot 12-jarigen.  Desondanks stellen heel wat jongeren risicogedrag. Bijna de helft van de jongeren die online speelt heeft ook contacten met onbekenden. Bij de 10-jarigen loopt dat op tot 63%. Chatten doet 1 op 4 ook met onbekenden.

Dankzij overheidsmaatregelen is de toegang tot het internet veel gemakkelijker en hebben steeds meer jongeren ook toegang gekregen. De digitale kloof situeert zich nu op een ander vlak: er is vandaag een digitale kloof tussen de gebruikers die kunnen werken met ICT en verantwoord kunnen omspringen met de risico’s ervan… en zij die dat niet kunnen. Iets wat we ook al weten uit de New Millennium Learners-studie van de OESO. 

Meer jongeren en opvoeders moeten de risico’s leren beheren die met de populaire vormen van internetgebruik samenhangen (chatten, surfen, downloaden,…). De jongeren lijken die risico’s  te onderschatten en de opvoeders kennen ze te weinig,  zo concludeert het OIVO.

Download de studie hier: http://www.oivo-crioc.org/files/nl/4689nl.pdf

Gelieve onderaan in de captcha module de 2 woorden die u ziet over te typen alvorens de reactie te versturen. Op die manier helpt u ons commentaarspam te voorkomen