Opinie: Facebook als bewijs voor spieken

Misschien bent u al het gedoe rond sociale netwerksites stilaan beu. Want Facebook haalt tegenwoordig, net zoals Twitter of Netlog, elke dag wel het nieuws. Wat mij vooral interesseert in al die nieuwtjes is de betekenis die de betreffende sites stilaan innemen binnen ons dagelijks leven en de verandering die ze teweeg brengen of duiden.

Het meest interessante feit de afgelopen weken vond ik de bekendmaking van een beslissing van de Raad voor examenbetwistingen. Het was groot nieuws dat een conversatie op Facebook als bewijs voor examenfraude werd aanvaard (De Standaard, 25/08/09). Een dag later kregen we ook een interview met één van de studentes onder de titel “ze hebben ons verklikt” (De Standaard, 26/08/09, en ook bij Janien). Uit dat laatste artikel: “Annelien en haar medestudente liepen tegen de lamp omdat ze op Facebook hun spiekmethode overlegden en pochten hoe ze hadden samengewerkt.”

Als onderwijsmens en media lector vond ik het een bijzonder verhaal. Ik was eerlijk gezegd wel benieuwd naar het officiële besluit van De Raad voor betwistingen. Die besluiten komen met enige vertraging online, maar sinds gisteren is het bewuste Facebook besluit online.

Uit het besluit blijkt duidelijk dat het spieken werd vastgesteld op 3 verschillende momenten door examentoezichters, maar dat er geen tastbare bewijzen gevonden werden (in een digitaal tijdperk niet zo gek uiteindelijk). Tijdens een gesprek met het departementshoofd werd het spieken toegegeven en ook schriftelijk ondertekend door de studenten. Pas bij het definitieve verslag trokken de studenten hun staart in en verklaarden ze dat de bekentenis onder druk getekend werd. Vanaf dan hebben ze alle mogelijke procedures gebruikt die er waren. Er volgden binnen de school nog enkele gesprekken met studenten en toezichters. Een belangrijk rol is ook weggelegd voor medestudenten die het dossier duidelijk versterken ten nadele van hun medestudenten: de school ontvangt e-mails, anonieme brieven én een Facebook-conversatie (zie onderaan).

En wat nu met het oordeel van de Raad? Die onderzoekt niet of de studenten gefraudeerd hebben, maar wel of de conclusie gebaseerd is op bewezen feiten. Aangezien het een dik dosssier betreft met allerhande vaststellingen in dezelfde richting, de studenten de juistheid van de Facebook conversaties niet ontkennen, er ook geen bewijs is dat de studenten onder druk verklaringen getekend hebben,heeft de Raad geoordeeld dat het spieken bewezen is.

Na het lezen van he besluit, kwam ik tot volgende bedenkingen:

1) De bewijsvoering tegen de studenten is zo uitgebreid en divers dat je alleen maar kan besluiten dat de fraude duidelijk bewezen is.

2) Qua bewijsvoering tegen spieken staat de student vandaag naar mijn mening zeer sterk. Te sterk zelf. Ook deze case toont aan dat er bij voorkeur nog naar ‘schriftelijke (briefjes) of fysieke bewijzen (examenbladen wisselen, op de armen schrijven)’ wordt gezocht. Minder sterk zijn de verklaringen van de toezichter ‘dat er gepraat’ werd. Zelf heb ik al een student betrapt op spieken die het internet verkeerd gebruikte waar dat niet was toegestaan. Dat werd toen geseponeerd als ‘onvoldoende bewezen’. In die zin zijn de Facebook verklaringen onder te brengen bij de ‘schriftelijke’ en dus harde bewijzen. Ik vind het een goede evolutie in ons digitaal tijdperk dat we qua bewijzen voor spieken eindelijk verder kunnen gaan dan het zoeken naar spiekbriefjes.

3) Hoewel het nergens zwart op wit staat, lijkt de Facebook conversatie niet publiek te zijn geweest (alleen zichtbaar voor ‘vrienden’, en dus ook publiek gemaakt door één van die ‘vrienden’). Concreet wil dat zeggen dat een privé-conversatie op Facebook eigenlijk niet bestaat. Belangrijkste conclusie: privé op Facebook = ook publiek. Knoop het allemaal goed in uw oren zou ik zo zeggen.

4) Het niet mogen samenwerken tijdens een examen staat haaks tegenover de ideeën van social knowledge. “For 2500 years, we’ve been told that knowing is our species’ destiny and its calling. Now we can see for ourselves that knowledge isn’t in our heads: it is between us.” (Everything is Miscellaneous, David Weinberger, p.147). Social knowledge is in ons onderwijs nog niet aanvaard. Misschien kan het een troost zijn voor de 2 studenten dat hun samenwerking door een bepaalde stroming als het model voor de toekomst wordt gezien.

Om af te sluiten het leukste onderdeel van het besluit: de conversatie (enige kennis van het West-Vlaams is vereist):

medestudent: “[…] Dussss da wil zegn ik pneumo gij de psychopatho… safe !! :p”

verzoekende partij: “ja cava das goe wi, ik kan psychopatho nog tamelijk goe, chill we gaan da goewd doen ! ;)”

medestudent: “ik ken ut eigenlijk ook nog redelijk :p! joam joam, examen alleen maken???? Moh ! das lik groepswerk…”

verzoekende partij: “tuurlijk ! e mo meneer, wil je zeggen da we dan ni mogen overleggen fzo? allee ej da nu al geweten :D”

medestudent: “ “kheb gezien daj soms wat praat, dat zou jammer zijn van je zomervakantie hé”, dwoaze kerel eigenlijk ! phaha”

verzoekende partij: “jaaaaa idd! khoop dat ie da ni were is wi vandage, of we zien de choco !”

andere student: “Haha da wos teegn joen ofwa? 😀 Twa idd stom :-P”

medestudent: “joat da was tegen ik… eb je da gehoord mss? en ut ergste was khad lik voor één keer nog nx gezegd tijdens ut examen!! alst weer em is é vandaag, gaank da egt nie cool vindn!”

andere student: “Jaak khoorde em da zegn, mo kwist nie tegn wien… Mo jat lik nogmo 5 sec je examen ofzo… Stooom :-D”

medestudent: “nene da was in de helft van me examen ofzo :-), mo vandaag gak da wel subtieler aanpakn :D”

verzoekende partij: “gaat dan nog maar een keer een examen of twee gaan maken zeker”

medestudent: “tzal wel zijn !!”

verzoekende partij: “elpt je mee ?”

medestudent: “altijd é :)”

verzoekende partij (na het examen): “wen da were vre goe gedaan ! ;)”

Diezelfde dag wisselden beide studenten tevens de volgende reacties uit ná het afleggen van de examens in kwestie:

medestudent: “als da geen samenwerking was opt examen !! :p”

verzoekende partij: “echt wel zalig wi :D”

medestudent: “meeega ! :p”

andere student: “hoho, ik hoop dat ze ook facebook hebben”

medestudent: “naaaaaah 🙂 kpeis da wel nie”

Bronnen: De Standaard, Besluit van de Raad voor betwistingen nr. 2009/059 van 13/08/09, Everything is Miscellaneous van David Weinberger

Crossposted op mijn eigen weblog

Auteur: Smetty

Admin, coördinator en verantwoordelijke uitgever van deze weblog. Onderzoeker (PhD) en lerarenopleider aan de Hogeschool Gent. Volg Smetty op Twitter (als drsmetty) of als teammember van de Tech45 podcast.

5 gedachten over “Opinie: Facebook als bewijs voor spieken”

  1. wat mij vooral inderdaad verrast is dat men ‘echt’ bewijs, nl een examenoppasser die meldt dat er gepraat wordt, niet zo zwaar doorweegt als de digitale kopie van een privégesprek via een sociale netwerksite waarbij het nog maar de vraag is wie het gesprek gevoerd heeft, en in welke hoedanigheid…

    Wat ‘Yves Leterme” schrijft op “zijn” weblog http://yvesleterme.blogspot.com/ telt hopelijk ook niet mee voor de man zijn reputatie.

    Ik ben het wel absoluut eens met de uitspraak dat onderwijs en de echte wereld soms haaks op elkaar staan. Vanaf het moment dat je de schoolbanken verlaat verwacht men samenwerking en eindproducten gegenereerd door overleg binnen je netwerk, binnen onze schoolmuren is deze mentaliteit nog niet altijd aanwezig. Studenten worden afgerekend op de eigen kennis en kunnen, helemaal niet op samenwerking en hoe ze andere helpen.

    (hier bij de collega’s van training hoorde ik al volgende veelzeggende uitspraak “als ze zotgeleerd zijn op de universiteiten dan krijgen wij ze binnen en moeten wij er proberen goed functionerende ict’ers van te maken)

    Mooie blogpost overigens, ga ik gebruiken mijn volgende presentatie over ‘business social networks’

  2. Thx Maarten.

    Het klopt dat we nog hard kunnen werken aan die samenwerkingsvaardigheden. Ik denk wel dat daar de komende jaren in het onderwijs meer aandacht aan besteed gaat worden. Alleen jammer dat het zo lang allemaal moet duren.

  3. Indruk-wekkend mooi artikel! Meesterlijk. Volkomen eens met Maarten Cannaerts. Ik zou jouw opiniestuk in de 3e graad so laten ontleden op argumentatie en tekstopbouw. Het zijn modelteksten voor leesvaardigheidstraining. ‘Kennis van de wereld’ schrijft het leerplan Nederlands ook voor. Jouw blogpost verdiept het inzicht in sociale media en verbreedt de visie op onderwijs.

    En wat het haaks op elkaar staan van onderwijs en de wereld betreft, dat werd ‘in mijn tijd’ altijd vergoelijkt met ‘onderwijs heeft een eilandfunctie’, ‘onderwijs is de echte wereld niet, dat is een klein wereldje apart’. Ik heb dat nooit goed begrepen (willen begrijpen).

  4. In mijn reactie op Cindy’s Facebook-artikel is een grammaticale fout geslopen. Er is een verwijzing die niet klopt. Dat komt ervan als je je tekst niet meer naleest. Mijn excuus.

    Correctie. “Ik zou jouw opiniestuk (…). Het is een modeltekst (…).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *