Schotland – Vlaanderen: 1-0?

Begin oktober kreeg ik de kans om met een Europese beurs een studiebezoek te brengen aan Schotland. Ik bezocht er samen met 16 andere Europese onderwijsexperts een vijftal scholen en een vijftal contentleveranciers. Het thema van het studiebezoek was “The impact of ICT on learning and teaching”. Het geheel bood een goed overzicht van het ICT-beleid op lokaal en regionaal vlak. We zagen kleine en grote, gloednieuwe en oudere scholen, maar op vlak van ICT hadden ze veel zaken gemeen: een uitstekende ICT-infrastructuur, een gedreven en deskundig leerkrachtenteam en een prima ondersteuning.

Qua infrastructuur is elke school in de regio North Ayrshire voorzien van draadloos internet, tal van computers (zonder uitzondering allemaal Macs) en een digitaal schoolbord (vnl. Smart en Promethean) in elke klas. Veiligheidsdiensten (contentfilter, anti-spam, firewall) worden volledig centraal geregeld. Dat heeft het voordeel dat scholen zich niet moeten bezighouden met technische aspecten van ICT, maar het nadeel dat het centralistische beleid weinig opening voor eigen inbreng toelaat (scholen konden bv geen online filmpjes bekijken omdat de filter dat niet toelaat). Aan de infrastructuur en de grote budgetten die daarvoor worden uitgetrokken, kan je zien dat ICT voor de overheid echt prioritair is.

Ik had wel bedenkingen bij de massale invoering van digitale schoolborden. Deze worden gefinancierd door de scholen zelf en vooral door North Ayrshire Council. In elk klaslokaal is er één beschikbaar en bijna overal werden ze ook gebruikt. Niettemin had ik de idee dat dit een gigantische technology-push was. Een aantal leerkrachten zeiden onomwonden dat het voor de leerlingen wel tof en motiverend was maar dat het voor hen een bijkomende tijdsinvestering was om met het ding te werken en dat het niet noodzakelijk hun lesgeven verbeterde. Bovendien kwam het er in de praktijk vaak op neer dat instructietaken door de computer overgenomen werden, wat toch een vrij verregaande evolutie is en waarbij ik de resultaten op lange termijn (leerwinst, niveau van kennis en vaardigheden) eens zou willen kennen. Tenslotte is het onmiskenbaar zo dat het gebruik van digitale schoolborden nauw aansluit bij een “teacher-centred” leermodel en veel moeilijker te gebruiken is bij een constructivistische “pupil-centred” leerstijl. Maar het gebruik van de digitale schoolborden had ook voordelen. Zo werden de leerkrachten gedwongen om grondig na te denken over de ICT-ondersteuning van hun vakken. Een leerkracht verwoorde het als volgt: “je wordt als leerkracht gedwongen om weer les te geven i.p.v. uit boeken te citeren. Je komt weer los van je handboek.”

De ondersteuning wordt eveneens centraal geregeld waarbij een groep leerkrachten vrijgesteld worden om ambulant scholen en leerkrachten te ondersteunen. Ze trekken van school tot school in een beperkte regio zodat ze een band opbouwen met de leerkrachten en leerlingen. Ze zijn een combinatie van ICT-coördinator, nascholer en pedagogisch begeleider in één en houden zich enkel bezig met de pedagogische aspecten van ICT-gebruik. Deze formule biedt voor de scholen enorm veel voordelen. Met name de transfer van wat leerkrachten via bijscholingen aanleren naar het effectief in hun klaspraktijk brengen van het geleerde wordt nauwgezet opgevolgd.

Het meest indrukwekkend was de grote variëteit en beschikbaarheid van leermiddelen en contentleveranciers. Hierbij heeft Schotland natuurlijk het voordeel dat ze tot een erg grote taalgemeenschap behoren waardoor er – anders dan hier- bij de uitgevers veel bereidheid is om te investeren in digitale leerobjecten. De ontwikkelingskost is hier even groot als in Schotland, maar omwille van de taal is de afzetmarkt veel groter in Schotland, waardoor investeringen een grotere return realiseren. Resultaat is een grote diversiteit aan leerobjecten en software. Opvallend was het gebruik van multimedia voor ceatief-artistieke doelen: de scholen gebruiken volop applicaties voor fotobewerking (iphoto, photoshop), maken van animaties, muzieksoftware (gragaband) en andere (Comic Life, Board Maker, SwitchIT). De software wordt via raamovereenkomsten aan alle scholen ter beschikking gesteld.

Daarnaast kunnen Schotse scholen nog gebruik maken van verschillende online resources zoals educationcity.com, SCRAN , ERS en GLOW. Hoewel er soms dubbel werk gedaan wordt (vooral ERS en GLOW vertonen nogal wat overlap blijkt uit het bestaan van deze initiatieven toch dat de overheid de ontsluiting van leerobjecten erg au sérieux neemt.

Het is niet eenvoudig de vergelijking te maken met Vlaanderen. Een aantal systemen zijn hier helemaal anders bv. de organisatie van ICT-ondersteuning en de voorziening van ICT-infrastructuur (openbare aanbesteding in Schotland versus financiering via gekleurde middelen bij ons). De lokale overheden hebben in Schotland veel meer macht en impact op het ICT-beleid dan in Vlaanderen het geval is. Hier hebben scholen een veel grotere autonomie in hoe ze ICT integreren. Beide systemen hebben uiteraard hun voor- en nadelen. Ik denk te moeten besluiten dat ze in Schotland verder staan op vlak van ICT-integratie dan wij in Vlaanderen, zeker wat de infrastructuur betreft. Anderzijds is alles er veel strakker en strikter geregeld. De leerkrachten voeren het curriculum uit op de manier zoals de overheid dat wil en met de leerobjecten die de overheid hen ter beschikking stelt. De innovatie wordt er als het ware van bovenaf opgelegd. Ik heb in Vlaamse scholen al innovatievere dingen gezien dan in Schotland – en met veel minder middelen. Wat ik vooral onthou is dat ICT-integratie een belangrijke en vanzelfsprekende beleidsprioriteit is waar dan ook de nodige financiële middelen voor worden uitgetrokken.

Ook zin om eens een week te herbronnen met een Europese Arion-beurs? Zie info op de site van de vzw EPOS.

Auteur: Jan

Studeerde Moraalwetenschappen te Gent. Werkt sinds 1998 op het departement Onderwijs en is er verantwoordelijk voor de coördinatie van het ICT-beleid. Is afgevaardigde van de Vlaamse overheid in het European Schoolnet en de werkgroep DELTA van de Europese Commissie.

5 gedachten over “Schotland – Vlaanderen: 1-0?”

  1. Bedankt voor het boeiende verslag… Da’s een van de jammere dingen in Vlaanderen: té sterk gecentraliseerde oplossingen werken hier toch niet. Da’s misschien de sterkte van ons onderwijssysteem op vlak van kwaliteitsbewaking, maar op vlak van infrastructuur/ technologie/ investeringen is het een duidelijke zwakte.

  2. Zeker een boeiend en leerzaam verslag. De beschouwing over de uitgevers vind ik heel terecht: zelfde investeringskost en minder return. Het is het probleem van de kleine Vlaamse markt. Als uitgevers proberen we hier creatief te zijn en gelukkig bloeien ook elders vele mooie bloemen.

  3. Een mooie analyse die wel steek houdt. Ik onthou 2 dingen;

    1. Het feit is inderdaad dat we waarschijnlijk inventiever zijn omdat we met erg beperkte middelen moeten werken.

    2. De mac maakt een groter deel uit van de onderwijsmarkt in Groot-Brittannië dan Vlaanderen. Spijtig, want de mac heeft nog steeds de programma’s aan boord die uitnodigen tot creatieve multimediale werkstukjes…. De mac staat niet in de weg van het leerproces, maar is een effectief middel.

    Laten we in Vlaanderen aub ook eens wat creatiever zijn en naast microsoft-monocultuur ook eens wat anders gebruiken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.