Brengt een brede school soelaas?
Voor mijn eerste bijdrage aan Edublogs wil ik een onderwijsbegrip naar voren schuiven dat ik nog niet eerder gelezen heb in dit ICT-midden: de brede school.
De brede school is een notie en een praktijk die uit Nederland naar Vlaanderen is overgewaaid. Enkele onderwijsdeskundigen hebben ze opgepikt en ze is zo ook in de beleidsnota van onderwijsminister Frank Vandenbroucke terechtgekomen. De minister neemt zich voor om die brede school in Vlaanderen met de nodige maatregelen te stimuleren.
Hoe nieuw het idee is, is nog de vraag. Maar zoals in onderwijs wel vaker gebeurt, bestaat de praktijk al. Een voorbeeld is ‘Het Keerpunt’, een Centrum voor Leren & Werken in Borgerhout. Tot nu toe werd zo’n centrum ‘Centrum voor Deeltijds Onderwijs’ genoemd.
Een brede school is als een markt waar vele mensen en organisaties elkaar kunnen ontmoeten. Bij Het Keerpunt zijn er dat nogal wat: het stedelijke onthaalbureau voor nieuwkomers ‘PINA’, de occasionele kinderopvang ‘Lieverdje-Okido’, de Federatie van Marokkaanse Verenigingen, muziekschool ‘Ward De Beer’, de jeugdwerking voor moslims PAJ, speel-o-theek ‘De Rinkelbel’, Tivo (TewerkstellingsInitiatieven van het Vrij Onderwijs) met een eigen uitzendkantoor Tivo-plus, een bergbeklimmersvereniging, het lokale straatcomité, leerrestaurant ‘het Kookpunt’, buurtsport Antwerpen, werkervaringsrestaurant ‘Marhaba’, constructieatelier ‘Kopspel’ en binnenkort zelfs een hamam (badplaats voor moslimvrouwen). Een heel gevarieerd gamma waardoor dit initiatief niet meteen onder één profiel te vangen is.
Vanuit het tegendraadse principe ‘eerst doen, dan denken’ zijn ze in Borgerhout gewoon van start gegaan. Achteraf hebben ze vastgesteld dat ze perfect beantwoorden aan wat tegenwoordig een brede school genoemd wordt. ‘Brede school’ is dan voor hen: “Een ‘open’ onderwijscentrum dat ruimte biedt aan diverse sociale en culturele organisaties en dat uitwisseling met de buurt hoog in het vaandel draagt”, aldus directeur Luc Lamote.
“Het onderwijs is in een ‘omkering van doel en middel’ verzeild geraakt – schrijft Luc Lamote verder. Het vraagt zich dikwijls niet meer af wat zijn maatschappelijke relevantie is. Een analyse van zowel de fysieke als sociologische omgevingsfactoren maakt duidelijk dat onderwijsinstellingen zelfs steeds vaker evolueren tot eilandjes. Het simpele feit dat schoolgebouwen maar voor 40 % van de normale gebruikstijd aangewend worden, is op zich een bijzonder grote verkwisting van wat we de publieke ruimte kunnen noemen.”
Aan die ‘eilandjesmentaliteit’ zijn drie kanten:
- “Het afstemmen van opleidingen en richtingen op de arbeidsmarkt is nog te veel een taboe en zeker te weinig onderwerp van debat. Scholen bieden de richtingen aan waarop leerlingen inschrijven en ‘that’s it’. De maatschappelijke relevantie van bepaalde opleidingen wordt zelden afgewogen.”
- “Doordat sociale verbanden uit elkaar vallen, vallen scholen steeds meer terug op hun eigen bestaan. Ze zijn niet in staat nieuwe sociale bewegingen en tendensen in hun lokalen toe te laten. En toch is de nood groot. Als je gewoon aan mensen laat weten dat je infrastructuur openstaat voor derden, dan brengt dat snel een toevloed van geïnteresseerden op de been. Voor je er erg in hebt, is je school een ‘brede’ school.”
- Een pedagogisch model voor gelijke kansen dat tot minder aberraties leidt dan het huidige GOK-beleid. Het probleem met het huidige model is – aldus Luc Lamote – dat het té veel een project van de middenklasse blijft. “Bij leerlingen die komen aankloppen in ons DBSO ervaren we dat hun negatieve schoolervaringen soms meer te maken hebben met het niet kunnen aarden in de schoolse omgeving dan met de leerstof die daar aangeboden werd. Ons doordeweekse middenklassengezin evolueerde de voorbije decennia naar een onderhandelingshuishouding en dat ideaal werd omgezet in nieuwe, democratische en empathische omgangsvormen in het onderwijs. Leerlingen bij wie thuis echter sprake is van een bevelshuishouding (en in vele culturen is dat nog steeds zo), weten zich niet te plaatsen in dit overlegmodel en ontsporen.” De brede school, met zijn marktplein vol diverse organisaties, biedt daarvoor een haalbaar maar soms moeizaam alternatief.
Zijn de scholen te veel eilandjes geworden? En biedt de brede school daarvoor een oplossing? Hoe denkt u daarover?
Je kan er ook verder over lezen in aflevering 13 van het Handboek Leerlingenbegeleiding Twee. Daar staat nog wel wat meer in. De inhoud van deze aflevering kan je hier terugvinden. Onderaan bij ‘meer info: inhoud van de jongste aflevering.