Eduboek: Mentorschap

Laat ons het eens hebben over “Frank” (nvdr Vandenbroucke) zijn “mentorschap”.

Want zeg nu zelf mocht je geïnteresseerd zijn voor een job in het onderwijs, aarzel niet , nu is het juiste ogenblik om in te stappen want als “groentje” word je geruggensteund en wordt de praktijkschok verzacht. Je krijgt nu in je school een peter, meter, coach of mentor (hoe je het ook noemen wilt) toegewezen. Jouw lieve Collega die net geen fulltime lesopdracht had, mocht zelf kiezen uit een aantal heden ten dage bestaande “bij”jobs om zo toch een fulltime onderwijs (in de ruimste zin van het woord)-functie te hebben.

Je Collega kon kiezen tussen GOK-uren, Zorg-uren of ICT-uren, maar heeft hier wijselijk voor bedankt (te weinig uren voor te veel werk) en koos ervoor om “mentor” te zijn voor nieuwe Collega’s en in de eerste plaats voor jou…

Jammer genoeg voor de huidige onderwijskwaliteit zit het mentorstatuut even grondig ingebed in de visie en het beleid, als het statuut van de ICT-coördinator (hier een tekeningetje bij maken, lijkt overbodig). Het is weer op zijn Belgisch: nieuwe functies, in te richten door de scholengroepen zonder middelen.

Daar staat je Collega dan met zijn of haar fulltime job, waarvan 10 procent kan besteed worden aan “mentorschap”, wat inhoudt dat je Collega daarvoor minstens 4 scholen binnen de scholengroep moet bezoeken om jou en andere nieuwe Collega’s te coachen. Uiteraard heeft je Collega in het kader van “levenslang leren” precies DIE navormingen gevolgd zodat hij voor zichzelf een goede taakomschrijving kan maken en weet wat er van een goede mentor verwacht wordt. Mocht jouw Collega zelf nood hebben aan een goede mentor (want wie coacht de coach?) dan kan je hem volgende literatuur aanbevelen:

Deze boekjes bieden handvatten voor alle coachen of mentoren die nog niet de kans zagen om zich op dat gebied bij te scholen of te laten ondersteunen. Beide boekjes zijn zeer overzichtelijk ingedeeld.

“Samen voor de Spiegel” start met een aantal getuigenissen over hoe het mentorschap er kan uitzien. In hoofdstuk 4 plaatsen de auteurs de mentor niet tegenover zijn nieuwe collega maar tegenover zichzelf. Hier wordt zeer interessante informatie aangeboden voor de mentor: hij of zij wordt namelijk gewaarschuwd voor verschillende valkuilen waar je als startende mentor zo zou intuimelen. Mocht je lukraak een aantal hoofdstukken lezen, vergeet vooral het laatste hoofdstuk niet. “Aan de slag!” biedt zeer concrete informatie over observatie, reflectie, feedback en een aantal “checklists” waaronder een “jaaroverzicht met mogelijke taakplanning”.

“Coach zijn van beginnende (en andere) leraren” is iets minder “direct” geschreven, maar heeft zijn praktijkvoorbeelden ingebed in didactische contexten en in de visie “leerkrachtig zijn”. Het boek onderzoekt de plaats van de coach binnen het schoolgebeuren, de noden van de beginnende leraren, een procesmatige aanpak, je job als coach vervolmaken, je job als coach vorm geven. In het laatste deel vind je praktische informatie, een observatieblad, zeven belangrijke communicatieve deelvaardigheden en een coachingsplan.

Wat beide boekjes zo aantrekkelijk maakt om te lezen is hun lay-out en praktijkgerichtheid, er is een grote herkenbaarheid, je hebt nooit het gevoel: dit is een “ver van mijn bed-show”. En als je een “snellezer” bent hoef je enkel je ogen te laten vallen op de kernwoorden in de kantlijn. Beide boekjes tellen een 100-tal pagina’s, wat dus “dun” is en geen “uren en uren” van je kostbare tijd wegneemt. Gemakkelijk en vlot geschreven, dus ideaal voor een mentor met “weinig” tijd.

Veel lof voor de auteurs, een minpuntje, mag toch gezegd worden, er zitten in beide boekjes net iets te veel zetfouten en spellingsfouten, waar een leraar toch niet zomaar “over leest”.

Auteur: Karolien

Levenslustige dertiger, werkzaam aan de Lerarenopleiding van de Hogeschool Gent, is gepassioneerd door wiskundige Initiatie en ICT/mediakunde; schrijft free-lance voor oa Doremi en Zonnekind.

5 gedachten over “Eduboek: Mentorschap”

  1. Over dit thema waagde ik mij vorig jaar aan een artikel samen met een pionier-mentor. Het verscheen in het juni-nummer 2005 van Persoon en Gemeenschap Tijdschrift voor onderwijs en vorming. En nu allen naar de bibliotheek……???

  2. “En nu allen naar de bibliotheek……???”

    Om daar achter een pc te gaan zitten en ervaringen te bloggen?
    Goed idee, zijn wij helemaar voor 🙂

  3. Naar de bibliotheek omdat we aan vaktijdschriften zelf steeds minder centjes willen besteden. Om te Bloggen zijn er wellicht betere plaatsen. Nu ook die twee boeken zijn echt wel de moeite. Die moet je in elke schoolbibliotheek de naam waardig zeker kunnen vinden….

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.