Wat er kan misgaan…

Lees wat voorafging, van onder naar boven

M.a.w. hoe groot de inspanning ook is om up to date te blijven, toch zullen individuen en bedrijven wellicht meer kans (en geld) hebben om vooruit te lopen.

Gerard Bodifée komt me ter hulp toen hij o.m. dit schreef:

“Welke rol spelen computers in dit proces? Dezelfde rol die potlood en papier, pennenzak en boekentas, fiets en telefoon spelen. De computer is een apparaat om informatie op te zoeken, te bewaren en te bewerken. Hij doet dat met grote snelheid en bekwaamheid, en beconcurreert op die manier met glans het schoolbord. Maar net zoals het schoolbord, doet hij in wezen niets. In elk geval levert hij niets van het werk dat een leerling in de klas moet verrichten. Om een tekst te begrijpen, een redenering te volgen, een feit te onthouden, moet de leerling dezelfde inspanningen leveren die alle leerlingen alle voorgaande eeuwen al moesten leveren. De computer kan wel worden ingeschakeld om gegevens aan te voeren, op te smukken of uit te stallen, maar niet om ze zinvol te selecteren of te interpreteren. Integendeel, het ding kan hinderlijk zijn door zijn opdringerigheid, mateloosheid en, ondanks alles, machteloosheid.” (Knack)

Het probleem is natuurlijk dat een computer géén bord en krijt is, maar dat je afhankelijk bent van vele aspecten, zelfs al werken je leerlingen op een laptop. Het is geen kunst om een thuiscomputer degelijk en probleemloos te laten werken – maar dit is ook geen wet van meden en perzen. Als de wet van Murphey toeslaat, kun je uren verliezen om het probleem op te lossen.

Op school staan tientallen computers en laptops, verbonden als een spin in het worldweb. Eigenlijk zou je bij elke geslaagde opstart van een programma de heer of mevrouw– in dit geval de ICT-coördinator – moeten danken en zegenen dat alles werkt. Maar je vindt het zo natuurlijk, je vindt het zelfs onnatuurlijk als er iets niet werkt! (Met Apple-computers heb je dit probleem natuurlijk niet – maar waarom vind ik er toch zo weinig?)

Ik wil enkel dit zeggen: het gebruik van bord en krijt, zelfs van een overheadprojector, zelfs van een video of CD-speler vergt bijna geen voorbereiding. Uiteraard kan een lamp defect zijn, maar er is meestal een reserve-exemplaar bij de hand. Je kunt al eens een leerling om een krijtje sturen, of je vergat het stopcontact in te steken. Maar dit is doodsimpel. Ongelooflijk, maar de leerlingen kunnen je zelfs een handje helpen, als je twee linker handen hebt.

Niet doodsimpel met een hele reeks computers die zich soms als individuen voordoen, alsof zij over een eigen persoonlijkheid beschikken. Vooraleer je plant om in het computerlokaal te stappen, loop je een enorm risico om af te gaan. Eigenlijk heb je het best een reserveles achter de hand, want met een reservelamp kun je hier geen kant uit.

Je hebt bovendien al ik weet niet hoeveel uur voorbereidingswerk gehad, je hebt het lokaal moeten boeken, misschien een andere leerkracht heb je misschien moeten vragen zijn les elders te geven, je hebt op voorhand gecontroleerd of alles werkt, je hebt je ICT-coördinator verwittigd dat je het waagt…: er zijn makkelijker en toch ook effectievere manieren om je les te geven. Of is een les zonder computer een slechte les?

Auteur: Dirk Rommens

(Moen, 19 januari 1949) Tot 2004 leraar Nederlands-Engels aan het Spes Nostra Instituut in Kuurne. Vanaf 1 september 2004: Halftijdse detachering Departement Onderwijs voor KlasCement. Halftijds ICT-coördinator (didactiek) Scholengemeenschap O.L.V. Groeninge. Website: http://www.dirk-rommens.be Blogs en artikels in COS, VONK, KlasCement.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.