Doodsimpel!
Lees wat voorafging, van onder naar boven
Deze denkhouding is fundamenteel bij het leren. Ik kom daar trouwens later uitvoerig op terug omdat het ook belang heeft bij het formuleren van de waaromvragen rond ICT. Ik vraag me immers af: zijn alle leerkrachten bereid om op het vlak van ICT bij te leren, zich bij te scholen?
Toen onlangs uit een onderzoek bleek dat 80% van de leerkrachten bereid zijn om zich bij te scholen om het beeld meer aan bod te laten komen in het onderwijs – versus het literaire en verbale dat vanuit het verleden nog steeds in het onderwijs overvloedig tiert - was ik verbaasd over dat hoge cijfer.
Het moet zowat vijfentwintig jaar geleden zijn dat we op onze school de video introduceerden – de tijd van de strijd om de videoformaten, waarbij ons eerste Philipsmodel nu antiek is geworden – en nu blijkt de nood om aan filmvorming te bstaan! Ik dacht dat de filmfora in al die tijd hun werk hadden gedaan, maar ik vergis me dus. Ik stel me de vraag hoeveel procent leerkrachten een cursus ‘computer in de klas’ zullen willen volgen – want als dit geen beeld is, dan is mijn muis een olifant.
Het is niet zo dat ik twijfel aan de collega’s die de stap zouden willen zetten. Maar een computer is nu eenmaal geen videotoestel of een TV of een DVD-speler. Met een paar of hoogstens vijf knoppen kun je bekijken wat je wil. Een klein kind kan er weg mee – althans met de meest gebruikelijke functies. Laat het niet ingewikkelder worden – bij voorbeeld wat heel kijkend Vlaanderen via Telenet moest ondergaan, namelijk het herprogrammeren van dertien zenders – of er komt bijna een opstandje van. Hoe durven ze! Je kon gelukkig een beroep doen op specialisten, die tegen betaling de klus kwamen klaren. Welnu, in vergelijking met het werken met een computer is zoiets ‘moeilijks’ toch doodsimpel!
ICT-mensen, computerfreaks zien zo ‘kortzichtig’ dat zij denken dat een computer gebruikt kan worden als een bord: men neme een krijt, men schrijve en nadien veegt men alles af met een bordenwisser.
Ze vergissen zich schromelijk: waarom zouden de cursussen dan zo welig tieren? Toch niet omdat de mensen nood hebben aan sociale contacten – ik verwijs weer naar de breicursus. Misschien omdat ze verplicht worden door hun directeur zich bij te scholen, met een functioneringsgesprek als stok achter de deur? Of misschien omdat de druk zo groot is dat ze bijna niet anders kunnen? Sommige collega’s vinden het bijna een sport een cursus ‘te volgen’ door gewoon voortijdig de kassa te passeren waar ‘de papieren’ te krijgen zijn.