Vervolg Inleiding
Misschien is het beter om voor jezelf uit te maken of je genoeg realiteitszin hebt – én durf – om alles op een rijtje te zetten: waarom vind ik ICT belangrijk genoeg om er een goed deel van mijn docentenleven aan te wijden?
Een heel toevallige ontmoeting met een kennis was de directe aanleiding om me met mezelf te confronteren. Het kwam erop neer dat hij niet begreep dat ik als leerkracht Nederlands-Engels met interesse voor kunst en literatuur als ICT-coördinator door het leven kon gaan. Ik geef het toe, heel wat collega’s zijn van opleiding het wetenschappelijk, wiskundige type, en daar kon mijn gesprekspartner kennelijk wél inkomen. Maar hoe ik in godsnaam tijd en energie kon steken in een computer – dit was blijkbaar een kaakslag aan het adres van de kunst en cultuur, aan het adres van al die warmbloedige leerkrachten talen, een verraad aan het legertje fijne mensen. Vanaf dat ogenblik werd ik vermoedelijk met heel andere ogen bekeken dan voorheen. Net als bij iemand die ooit eens gedichten schreef ik zijn jeugdjaren, de rest van zijn leven moet doorgaan als ‘den dichter’, terwijl hij misschien treinconducteur of belastingsinspecteur is – om het bij clichés te houden.
Heb ik ze dan niet op een rijtje of zet ik alle argumenten eens op een rijtje waarom ik na al die jaren blijf geloven, nee, zelfs meer overtuigd ben dat ICT een noodzaak is in het onderwijs.
Eigenlijk hoef ik niet lang te zoeken, want ik begin altijd met het waarom van ICT in het onderwijs als ik een workshop geef, ook al is die bij voorkeur direct toepasbaar in de lessen. Ik wil daarmee benadrukken dat ik het niet heb over een didactisch snufje, of een leuke gadget, of een hebbedingetje om in te zijn, maar wel over een dankbaar hulpmiddel voor in de lessen.
Ik zie het als het geven van instructies over veiligheid zoals je vandaag de dag in gebruiksaanwijzingen vindt – wat natuurlijk niemand leest – omdat je dit steeds opnieuw in alle handleidingen vindt. Het grote verschil met mijn inleiding is dat niet iedereen, ook niet alle cursisten, de achterliggende filosofie wensen te kennen. En dat vind ik al een eerste grote ‘startersfout’.